Nieuws:

Welkom op het nieuwe locatie van het forum
Op dit moment wordt de .nl website doorgestuurd naar de .be website.

Hoofdmenu

Zelia

Gestart door Alexxje, 1 november 2012, 13:57:45

Vorige topic - Volgende topic

Alexxje

Hoofdstuk 1
When you're dreaming, you're away from the World. Until your World in your dreams ends, and you have to face the reality, and what's happening at that moment.

Leeg. Niets om je heen. Het witte licht, het einde van je leven. Zou dit het zijn? Of was dit dan weer iets helemaal anders. Want ik zag mijn leven ook niet voorbij flitsen, zoals sommigen zeggen, eerlijk gezegd. Het was gewoon wit. Witte vloer. Witte muur. Geen raam, geen lamp, maar toch was het alsof de zon hoog aan de hemel stond. Alsof ik in een grasveld stond, met duizenden rozen en tulpen om me heen, in de meest veranderlijke kleuren. Mijn fantasie leek levensecht, ik kon alles om me heen aanraken. Ik kon de bloemen plukken, in het gras liggen. Het was zelfs zo erg, dat ik een stuk van een wolk kon trekken. Geïnteresseerd legde ik het in mijn hand, en bestudeerde ik het. Het leek helemaal niet op kleine waterdruppeltjes die samen lagen. Het leek op suikerspin. Die heerlijke, plakkerige zoutigheid. Ik bracht het stilaan naar mijn mond, om van die smaakbom te kunnen genieten. "Ze droomt dat ze in een grasveld staat, met rozen en tulpen. Er moet nog gesleuteld worden, want ze is van plan om van de wolken te eten! Hup hup hup, zorg ervoor dat ze dat niet doet! Er is werk aan de winkel, mensen. Ze moeten echt kunnen functioneren, dit trekt op niets!" Verbaasd knipperde ik met mijn ogen. De witte muur en de vloer waren terug. Ik moest wennen aan de terugkaatsing van het licht op het ultrawitte licht. Toen mijn ogen aan het licht gewend waren, keek ik angstig om me heen. Wat was er hier aan de hand? Ik lag op een harde, ijzeren tafel, en links van me lag er nog een meisje, van ongeveer mijn leeftijd, schatte ik. Misschien een paar jaar ouder of jonger, maar dan viel het alvast niet op. Toen ik mijn hoofd naar rechts draaide, ving ik nog een glimp op van een ander meisje dat naast me lag, voordat het alarm afging. Het wit rondom me veranderde in rood. Een rode sirene en een luid geloei. Ik ging instinctief rechtop zitten, en sloeg mijn handen over mijn oren. "Code rood, code rood, alarm, alarm!" Een robotachtige stem klonk door de kamer. "Code rood: Elena, patiënte twee is wakker geworden. Code rood in kamer twee. Patiënte twee is wakker geworden. Dokters in de tweede kamer gevraagd. Code rood, code rood, alarm alarm!" Ik kon er niet langer naar luisteren. "Laat het stoppen!" mompelde ik, terwijl ik mijn handen dichter tegen mijn oren duwde. De stem sneed door mijn hoofd. De stem hield uiteindelijk op met alles te herhalen, toen een groep dokters de kamer binnenstormde. Verbaasd keek ik op, met veel lawaai kwamen ze rond mij staan. Onderzoekend keken ze me aan, en lieten hun ogen over me gaan, waardoor ik het gevoel kreeg dat ik daar naakt zat. Geschrokken keek ik naar beneden. Oef, ik had op zijn minst toch een ziekenhuistenue aan. Al moest ik toegeven  dat dat nu ook weer niet zo flatterend was. Ik keek weer omhoog, en zag dat ze nog steeds naar me keken. Blijkbaar moest ik dus iets zeggen. "Wat?" zei ik aarzelend, verwijtend en angstig tegelijk. De dokters begonnen wat te murmelen, en tikten wat in op één of andere tablet.  Een van de dokters zei dan iets tegen mij, en verloste me uit mijn lijden. "Wat is uw naam?" zei hij, met zo'n doktersaccent. "Elena Marichal." Ik liet mijn ogen langs alle dokters gaan. Elk van hen was druk bezig met tikken op dat scherm, en murmelde tegelijk. En aangezien ze zo zacht en onduidelijk murmelden, was het duidelijk dat ze tegen zichzelf bezig waren. Langzaam aan trok ik mijn wenkbrauw op. "Wat is er hier aan de hand?" vroeg ik onzeker. De dokters antwoordden niet, en ontweken mijn blik toen ik de vraag stelde, door terug naar hun scherm te kijken. "Uw leeftijd?" Kwaad keek ik de dokter aan die me die vragen stelde. "16 jaar. En als jullie me nu niet snel vertellen wat er hier aan de hand is, dan .. Auw!" Geschrokken draaide ik mijn hoofd om. Een dokter, die aan de zijkant stond, had iets in mijn arm gespoten. Maar daar maakte ik me geen zorgen over, en daar was ik totaal niet mee bezig. Hetgeen wat ik zo raar vond, was mijn pols. De huid die normaal bovenaan op mijn arm, op de plek van mijn pols moest liggen, was weg. Het enige wat ik zag waren draden, en elektronica. Lichtsignalen liepen erdoor naar mijn hand, en keerden weer terug. Gefascineerd bleef ik naar mijn pols kijken. Wat was er hier aan de hand? Ik voelde eerst mijn adem versnellen, en daarna terug vertragen. Ook de groep dokter had dat door, en begon blij en opgelucht te mompelen in zichzelf. Maar ik ergerde me er niet aan. Ik ergerde me aan niets. Niet aan hen. Niet aan de kamer. Niet aan alles wat er om me heen was en gebeurde, of mijn pols. Ik was alleen maar op  weg om terug te keren naar waar ik was gebleven. Het grasveld. Met een doffe klap viel ik terug neer op de tafel, en was weg van deze wereld.


Hoofdstuk 2
Only the strong ones can survive. You have to train very hard, because it's hard to hard to live, but the reward makes everything allright.

Doffe geluiden, mompelende stemmen en regelmatig gepiep begon ik langzaam aan te horen. Steeds begon ik scherper te horen. De voetstappen van een eindje verder, in de gang, begon ik zachtjes te horen. Ik wou wakker worden, mijn lichaam bewegen, maar ik leek wel vastgebonden. Ik was niet eens vastgebonden, ik voelde helemaal niets over mijn lichaam, maar een onzichtbare kracht hield me tegen. Een kracht die met de minuut zwakker werd. Ik kon mijn vingers strekken en mijn tenen krullen. Niet veel later kon ik mijn handen tot vuisten ballen, en mijn hoofd bewegen. En toen, ongeveer tien minuten later, verzamelde ik al mijn kracht, en ging met een snelle beweging rechtop zitten. Meteen toen ik uit mijn coma werd gehaald, vloog de deur open. Een dokter en nog een andere vrouw kwamen binnen. "Nou, Herlinde, mag ik je voorstellen aan Elena, je bent nu officieel een Waker," zei de dokter tegen de vrouw die bij haar stond. "Bedankt, Ellis," antwoordde Herlinde zachtjes, waarna dokter Ellis de kamer verliet, en Herlinde naast mijn bed kwam zitten. Gefascineerd keek ik haar aan. Ze was bloedmooi. Haar blonde haar glansde in het zonlicht dat door het raam binnen in de kamer viel. Haar gezicht had de vorm van een hartje, en ze had een schoonheidsvlekje juist onder haar linkeroog. Het totaalbeeld was een perfect plaatje, en dat maakte me een beetje bang. Wie was dit? Wat deed zij hier? Wat deed ik hier? Ze kon de zorgen op mijn gezicht zien, en glimlachte half, om me te tonen dat ze het goed met me meende. "Nou, hallo Elena," zei ze met een glimlachje. "Ik ben Herlinde, je Waker." Ze merkte mijn vragende blik op, en lachte wat ongemakkelijk. "Oh, natuurlijk, daar weet je nog niets van. Geen zorgen, dat komt nog wel. Je zult binnenkort alles leren wat je moet weten, maak je daar nu maar geen zorgen om. We nemen 1 stap per keer, afgesproken?" Ze keek me glimlachend aan. Ik had nog geen woord gezegd sinds ik wakker was, en ik was zo onbeleefd om dat nog steeds niet te doen, dus knikte ik wat wantrouwend. "Het is raar he, zo wakker worden. Ik herinner het mij ook nog, al is het al een tijdje geleden. Ik was wel niet zo jong als jou, ik was vijfentwintig." Herlinde zuchtte even. Haar stem was zo hypnotiserend, hij klonk alsof ze altijd aan het zingen was. Ik vond hem prachtig, en hij liet me hunkeren naar meer. Ik wou dat ze bleef vertellen, ik kon blijven luisteren naar wat ze te zeggen had. "Mijn Waker was Josh, en hij zag er zo perfect uit. Het deed me twijfelen aan mezelf. Maar hij gaf me zo'n goed gevoel over mezelf, dat ik niet meer moest twijfelen. Het ging niet over hem, zei hij, maar over mij. Maar toch was hij er altijd. Nu nog, trouwens, wat ik ben met hem getrouwd. Als je hier weg mag, dan kun je hem ontmoeten." Ik nam elk woordje dat ze zei gretig in me op. Josh. Waker. Getrouwd. Elke keer als ik verder wou denken over een woord, dan botste ik tegen een onzichtbare muur. Ik had geen idee wat een Waker was, of hoe je trouwde met iemand. Ik wist wat trouwen was, maar het leek hier zo anders dan wat ik gewend was. Trouwen was anders in verschillende culturen, maar welke cultuur was dit? Ik had nog nooit over een cultuur met 'Wakers' gehoord. Al die black-outs maakten me gek. Herlinde had door dat ik me zorgen maakte, en steeds verder wegzakte in mijn onwetendheid. "Oh, het spijt me lieverd, echt waar. Ik heb eigenlijk echt nog geen idee wat ik wel en niet mag vertellen, maar zo meteen zal ik een tablet krijgen waar alles instaat, dus je hoeft je echt geen zorgen te maken." Net nadat ze dat gezegd had, kwam de dokter terug binnen. "Je kunt je tablet aan de balie ophalen, Herlinde. Ik moet nu even alleen met Elena zijn." Herlinde knikte begrijpend. "Natuurlijk, ik ga direct." Voordat ze vertrok draaide ze zich nog even om naar mij. "Welkom in Zena, Elena. Moge de Godin u beschermen," zei ze glimlachend, waarna ze de kamer uitliep. Met ogen vol vragen keek ik hoe de deur toeviel, waarna ik naar de dokter keek. "Let niet op alle informatie waar je niets over weet, Elena. Het is doodnormaal, vooral als je een Waker hebt die zijn eerste taak moet volbrengen." Ellis was zo anders dan Elena. Ze leek minder perfect dan Herlinde, maar daardoor was ze juist beter voor mij, vond ik. Maar datgene waar ik mijn ogen niet kon van houden, was het grote litteken op haar wang. Ik wou weten hoe het op haar wang kwam, maar was te beschaamd om het te vragen. Ze had wel mijn blik opgevangen die op haar wang lag, dus legde ze het zelf uit. "Een operatie," zei ze zacht. "Een dokter gleed uit en ging met zijn mes over mijn wang, niets al te erg hoor." Ze knipoogde even naar mij. "Maar, waar ik hier voor ben. Ik moet deze zegen over je uitspreken om je welkom te heten in Zelia. Morgen leer je alles over Zelia en wat er gaande is, vertrouw me maar." Ellis stond formeel recht, en legde haar hand op mijn voorhoofd. "Elena Venus Marichal, u bent uitverkoren om deel uit te maken van het land Zena, en moge de Godin u altijd beschermen."


Hoofdstuk 3
Weirdness in my head. So much questions, no answers anywhere. It's time to explore life, and find answers. Because the only one who can do such thing, is myself.

Mijn droom leek een wirwar van dingen. Rondslingerende vraagtekens en overal zag ik Herlinde en Ellis opduiken. Ze brabbelden wat, en ik verstond er bar weinig van. Soms kon ik er een paar woordjes uithalen: Waker, Zena, Godin en zegen. Steeds opnieuw en opnieuw. Duizenden Herlindes kwamen op me af. "Welkom, Elena. Ik ben jouw Waker. Moge de Godin u beschermen," Steeds opnieuw en opnieuw hoorde ik dezelfde zinnen. Duizend keren samen, door elkaar heen, alsof ze in canon aan het zingen waren. Het maakte me gek. "Alstublieft, stop! Ik kan er niet meer tegen!" schreeuwde ik. Maar ze leken wel robots, die steeds deden wat er iemand hen opdroeg om te doen wat ze eigenlijk deden. Pas toen ik die gedachte kreeg, merkte ik het op. Hun polsen, die openlagen. Geen bloed, maar computerapparatuur. Draden. Het deed me huiveren, maar ergens wist ik dat ik het al eens had gezien, al kon ik niet plaatsen waar. Ik strompelde bang achteruit. "Ga weg! Laat me met rust!" schreeuwde ik in paniek. Terwijl ik achteruit liep, botste ik tegen iemand aan. Geschrokken had ik me omgedraaid, het was Ellis. Maar niet zoals ik haar had gezien in de kamer, toen ik wakker werd. Haar litteken was vers, het bloed liep over haar wang. "El-Ellis.." stotterde ik. Ik richtte mijn trillende vinger op haar wang. "Je, je wang. Je litteken ligt open. Je bloed!" Wat mijn droom een nog ergere nachtmerrie maakte, was de grijns op haar gezicht, en hoe haar stem klonk. Ze leek gestoord. "Ja, leuk he!" Ze lachte hardop, waarna ze een mes uithaalde. Daarmee sneed ze ook over haar rechterwang, waardoor er daar een snee kwam, symmetrisch met die op haar linkerwang. Ze keek me extreem blij aan. "Wil je ook?" Ik schudde rap en bang mijn hoofd. Nee, zeiden mijn lippen, maar er kwam geen geluid uit mijn keel. Ik moest daar weg, ik wist het. Dus duwde ik Ellis aan de kant, en rende weg. Ze volgden mij niet, maar ik bleef maar rennen. Steeds verder en verder weg. Al wat ik zag was een grote, rode, lege vlakte. Niets om me heen, maar plotseling viel ik. Vanuit het niets in een gat. Ik greep me snel vast aan een steen en keek naar boven. Het gat ging langzaam maar zeker toe. "Nee!" riep ik. "Ik wil hieruit!" De aarde luisterde niet naar mij, en het gat ging dicht. Daarbij maakte het zo'n klap, dat de steen waar ik me aan vasthield naar beneden kletterde. Met mij erbij. Dit is het, dacht ik. Dit is het einde. Ik sloot mijn ogen en liet me maar vallen. Ooit was het voorbij, dat moest wel. En niet veel later was het ook voorbij. Ik viel in een zacht bed van zachte veren. Verbaasd knipperde ik met mijn ogen. Het was hier klaarlicht, terwijl het boven pikdonker was. Verbaasd stond ik recht, en klopte ik mijn kleren af, die spontaan veranderd waren. Mijn zwart shortje met een gele T-shirt waren veranderd in een kort, lichtblauw kleedje. Mijn bruine haren krulden en ik had een tiara aan. En dan nog die schoenen. Hakken. Mooi, maar ik kon daar niet op lopen. Na twee minuten lag ik al op de grond. "Stomme schoenen," mompelde ik kwaad en geërgerd. Ik trok ze snel van mijn voeten en smeet ze in een meertje naast waar ik geland was. Met een doffe plons kwamen ze neer. "He, dat waren wel een paar van mijn lievelingsschoenen hoor, bedankt!" Verbaasd sprong ik op. "Wie is daar?" riep ik wantrouwend. "Kom maar, Elena Venus Marichal, loop door de poort." Alsof ik gehypnotiseerd was, liep ik door de poort. Ik had geen controle over mezelf, ik moest het gewoon doen, het maakte niet uit als ik het wou of niet. Ik kwam terecht in een prachtige bloementuin, met daarin nog een prachtigere verschijning. Ze had een extreem witte huid en platinablond haar. Als kledij droeg ze een rood, nauw aansluitend kleedje, dat even rood was als de kleur van haar lippen. Ze glimlachte naar me. "Zelia," zei ik automatisch. Ik herkende ze meteen, ook al had ik ze nog nooit gezien. Het verbaasde me dat ik die naam kende, het was de eerste keer dat ik ze uitsprak. "Inderdaad, Elena. Ik ben Zelia, de Godin van jouw nieuwe thuis, Zena. Luister goed naar mij. Je weet veel, veel meer dan al de andere inwoners van Zena. Als je iets denkt te herkennen, weet dan dat je het ook echt herkent. Je zult weten wat je moet doen, ik zal je altijd sturen." Gefascineerd luisterde ik naar Zelia. Toen ze dat vertelde, moest ik meteen aan de draden denken. Het leek me zo bekend, maar ik kon het niet plaatsen. Betekende dit dat ik het al eens had gezien? Dat ik mezelf moest geloven? Maar dan vertelde ze over het sturen. "Maar, hoe? Hoe kunt u mij sturen, Zelia, zonder dat er iemand anders het weet? Zonder dat er iemand anders denkt dat zij gestuurd worden?" Haar glimlach was hartverwarmend. "Je zult het weten, Elena, automatisch. Maar keer nu terug, ik waak over jou." Ze knipte met haar vingers en ik werd wakker. Het eerste wat ik zag, wat Herlinde die naast mijn bed zat. "Hallo, Elena, ben je klaar voor je eerste lessen over Zena, onze Godin Zelia en, het belangrijkst, natuurlijk, over jezelf?"