Star Wars: Onbekend Verlangen

Gestart door Prophet, 1 november 2011, 10:52:33

Vorige topic - Volgende topic

Prophet

Coruscant – 2167 BBY

Laguna keek trots de arena rond, nadat zij haar tegenstander had verslagen in het toernooi lichtzwaardvechten voor Padawanen. Het was voor het eerst in 33 jaar geweest dat een menselijke Padawaan dit toernooi in de oudste groep had gewonnen. De sfeer was uitgelaten, omdat ze gewonnen had van de winnaar van de laatste drie jaar.  Zu Nalek was een begenadigd zwaardvechter en sterk in de kracht, waardoor hij dit toernooi al 3 keer had gewonnen. Zu Nalek was een Zadrak, die bekend stonden om hun wilskracht en koppigheid, waardoor ze het woord opgeven eigenlijk niet kenden. Het was een lange strijd geweest, waarin op een open manier was gevochten. Door de lengte van het gevecht en het feit dat de lichtzwaarden op de op een na sterkste stand stonden in dit laatste gevecht, werd het gevecht door vele Jedi Ridders, Jedi Padawanen en Jedi Jongelingen gevolgd. Zelfs een aantal Jedi Meesters hadden de moeite genomen om de ontknoping van dit gevecht te zien. Terwijl Laguna door Jedi Meester Balaka werd gehuldigd, droop Zu Nalek af met een grote frustratie, die ervoor zorgde dat er niemand durfde om bij hem in de buurt te komen. Door intensieve zelfsbeheersingstrainingen wist hij zijn frustratie in de hand te houden en niet onnodig iets te slopen. Hij moest en zou even afleiding vinden en ging onderweg naar de bibliotheek. Een plek waar hij graag verbleef en zich verdiepte in geschiedenissen van alles wat met Jedi te maken had, maar ook ontwikkelingen rondom sterrenstelsels zoals handelsembargo's, interplanetaire oorlogen en achtergronden van soorten die hij in de Jedi Temple tegenkwam, kon rekenen op zijn interesse. Toen hij een artikel over een blokkade op de Hydian Way  bij de planeet Champala aan het lezen was, kwam zijn meester Jonado hem opzoeken. 'Indrukwekkende partij was dat.' Begon Jonado voorzichtig, om te peilen hoe zijn padawaan op de verloop van het toernooi zou reageren. Zu Nalek keek even op van zijn holoscherm en bedankte zijn meester voor het compliment. Meester Jonado twijfelde even of dit het juiste moment was voor het bekend maken van de opdracht die ze als meester en padawaan hadden gekregen van de raad. Maar hij besloot om hem nog even de tijd te gunnen, zodat hij tijd kreeg om het toernooi een plaatsje te geven. De middag die volgde bleef Zu Nalek in de bibliotheek om door het lezen van artikelen de verliespartij van zich af te zetten.

Laguna voelde zich als een ware koningin, ze had niet durven dromen dat ze het toernooi zou winnen. Er waren zoveel anderen die naar haar idee zoveel beter waren. De afgelopen jaren was ze veel vroeger uitgeschakeld en had ze nooit de illusie gehad dat ze dit toernooi zou kunnen winnen. En daarbij waren er 367 deelnemers geweest die tot de oudste groep van padawanen behoorde. De felicitatie die haar het meeste deed was de felicitatie van haar meester Dra. Dra was als een vader voor haar en was eigenlijk altijd enorm kritisch over haar presteren als padawaan. Hij was een Kerkoiden, die door zijn niet menselijke uiterlijk altijd een norse blik met zich mee droeg. De Kerkoiden hadden een lang gezicht, met een smaller stuk rond de neus en twee naar boven gerichte slagtanden. De schedel liep boven de ogen toe in een punt. De norse blik verdween even tijdens de felicitatie en iets wat voor een glimlach door mocht gaan verscheen op het gezicht van haar meester. 'Dit toernooi kwam voor jou precies op het juiste moment. Je hebt goed vertrouwd op de Kracht en het zwaardvechten was een bijzaak. Hou dit vast, jonge padawaan.' waren de woorden van haar meester geweest. Waarna hij zich weer omdraaide en zijn weg vervolgde.
Die nacht kon ze de slaap niet vatten door alle indrukken en felicitaties. Na een paar uur draaien besloot ze toch maar uit bed te gaan en haar rust te nemen in de meditatieruimte. Ze hoopte dat ze niemand zou tegenkomen, om langzaam maar zeker uit de roes van de overwinning te komen. Want ze wist als ze zou willen slagen als Jedi, dat ze zich boven deze emoties moest kunnen verheffen. Emoties konden gevaarlijk zijn, maar ook een leidraad. Het begrijpen en interpreteren van emoties en de verbanden zien tussen deze ongrijpbare uitingen en haar relatie met de Kracht. De nacht bracht wel rust in de Jedi Tempel, maar met 2500 mensen in een bouwwerk als deze, is er altijd wel beweging en nooit echte rust. Zo ook was ze niet alleen in de meditatieruimte, een jonge Jedi ridder zat ook te mediteren met een rustige blik op zijn gezicht. Op het moment dat ze voorbij liep leek de rust even te verdwijnen. Laguna kende deze Jedi ridder niet, maar schrok dat haar aanwezigheid een rimpeling veroorzaakte in de Kracht. De Jedi merkte haar reactie en deed zijn ogen open en sprak haar direct bij haar naam. Een bijzonder gesprek volgde waarin de Jedi uitlegde dat hij het toernooi op de voet had gevolgd, ondanks de opdracht die hij vlak voor het begin van het toernooi had gekregen van de Jediraad. Hij roemde de vechtlust van Laguna, maar gaf aan dat ze niet daarom gewonnen had. De werkelijke kracht van Laguna lag volgens de Jedi niet in haar controle over het lichtzwaard, maar in de rust die ze kon opbrengen in het heetst van de strijd. Hij legde haar uit dat ze op een mooie manier binding had met de Kracht en dat als ze daaraan vast zou houden, van waarde zou zijn voor de Jedi orde. Laguna had in het hele gesprek bijna niets gezegd, omdat ze de positieve woorden niet kon plaatsen, omdat ze juist het gevoel had dat het haar aan rust ontbrak in het heetst van de strijd. Maar ze had geleerd om de inzichten van anderen te gebruiken om een volledig beeld te kunnen schetsen van een situatie. En vanuit dat inzicht vroeg ze de Jedi of ze in een duo meditatie hierover de weg van de Kracht zouden kunnen zoeken. Een duo meditatie was het samen zoeken naar de Kracht in een bepaalde situatie, als het ware samen in het diepe springen en je hand in hand laten meevoeren in de stroming om te zien waar je beide uit zou komen. De Jedi aarzelde even en legde uit dat hij zijn meditatie tijd nodig had voor de opdracht die hij gekregen had. Laguna vroeg of ze mocht weten waarin de Jedi raad zocht bij de Kracht of dat het te vertrouwelijk was. De Jedi kon er niet veel over zeggen, alleen dat het over een kolonisatieproject van een wereld in de Outer Rim ging. Dat hij als bruggenhoofd naar die wereld gestuurd zou worden om voorbereidingen te treffen voor de werkelijke kolonisatie. Maar in de Jediraad was er twijfel geweest over de opdracht, omdat er volgens 1 van de raadsleden wat vreemds zou zijn met iets op de wereld. Het raadslid had gezegd dat er een duistere sluier zou liggen over deze missie.
Laguna liet zich samen met de Jedi wegzinken in de meditatie. Ze had wel vaker duo meditatie gedaan, maar dat was alleen met haar meester geweest. Hem kon ze inmiddels vlekkeloos volgen, maar de afdruk van deze Jedi in de Kracht was toch heel anders. Het duurde daarom even voordat ze in de fase waren dat ze zich op hetzelfde konden richten. De Jedi had bewust niet teveel informatie gegeven over de wereld waar het over ging, zodat de padawaan zich niet teveel zou laten afleiden door details. Na anderhalf uur intensieve meditatie sloten ze de sessie af en konden ze concluderen dat er inderdaad duisternis was op de wereld, maar dat dit niet aan een wezen verbonden was, verder dan dat waren ze niet gekomen. De Jedi stelde zich na de sessie voor als Damien Quantore en vroeg of ze zin had in een trainingssessie met het lichtzwaard. Laguna moest dit aanbod afslaan, omdat ze met haar meester had afgesproken de details van een politiek geschil op Fondor tussen immigranten en de Fondorianen door te nemen. En ze wist dat ze meester Dra niet moest laten wachten.

Zu Nalek had onverwachts goed geslapen na het verloren duel met Laguna van de dag ervoor. Hij was blij dat hij steeds makkelijk rust wist te vinden in momenten van hoge spanning. Dat hij de Kracht steeds meer leerde kennen als bondgenoot in plaats van als handig instrument. En hij wist dat hij de dag na het toernooi rust zou krijgen en vrijheid om te werken aan zijn specialisatie. Zijn sterke punten lagen in zijn observeringsvermogen en reactie op onvoorziene situaties. Daarom had hij zich gericht op de bescherming van personen en vandaag wilde hij zich richten op een scenario waarin hij een persoon moest beschermen en sturen zonder dat deze er zich van bewust was dat er bescherming aanwezig was. Om de training efficient te laten zijn had hij ervoor gekozen om aan zijn meester te vragen of hij een scenario wilde uitkiezen, zodat Zu er volledig blanco aan kon beginnen. Meester Jonado had hem gezegd dat hij in simulatielokaal 43B aan de oostzijde van de tempel moest zijn. Zu was nog maar net uit zijn kamer toen hij zijn meester tegenkwam. 'Kom, padawaan' sprak Jonado tegen Zu, 'verandering van plannen, we worden verwacht bij de Jediraad.' Zu merkte dat hij een beetje schrok, dit had hij niet zien aankomen. Rustig en zonder een woord te spreken liepen ze naar de turbolift die ze naar de kamer van de Jediraad zou brengen.
Van de twaalf leden van de raad, waren er 7 lijfelijk aanwezig, de overige 5 waren via holoprojectie aanwezig. Jedi Meester Balak nam het woord en legde de meester en padawaan uit dat ze tot het oordeel waren gekomen, dat Zu Nalek mocht beginnen aan de Jedi Trials. De eerste test die Zu Nalek zou moeten ondergaan was de test van zelfverdediging, deze test was een lichtzwaardengevecht waarin de Padawaan het opnam tegen een meester, maar vanuit de zelfverdediging het gevecht tot een goed einde moest brengen. Meester Balak trok in het midden van de Jediraad zijn lichtzwaard en zei: 'Zu Nalek, verdedig jezelf!' Zu liet zijn mantel vallen en trok ook zijn lichtzwaard en nam een verdedigende houding aan. Met een krachtige sprong in de richting van Zu dwong Balak hem in een hoek. Zu zag dat Balak een gat liet vallen in zijn verdediging, maar wist dat dit de test van de zelfverdediging was en moest zijn uiterste best doen om geen aanval te plaatsen om zijn opponent uit te schakelen. Doordat de ruimte beperkt was in deze zaal werd Zu tot het uiterste gedreven om geen van de raadsleden of zijn meester in gevaar te brengen. Met hoge en lage slagen dwong Balak hem in de richting van zijn meester. Maar door het krachtig blokkeren van een lage slag van Balak wist hij het gevecht te verplaatsen naar het midden van de zaal waar iedereen buiten het bereik van het lichtzwaard van Balak bleef. Maar lang kon hij deze plek niet behouden en met moeite zag hij een mogelijkheid om de strijd te verplaatsen naar de zetel van Balak zelf. Balak voerde de snelheid van zijn slagen op, om Zu langzaam maar zeker uit te putten en daarmee zijn zelfbeheersing te testen. Na ongeveer vijf minuten begon Zu iets te verzwakken in zijn verdediging en Balak maakte daar gretig gebruik van. Hij brak door de verdediging van Zu heen en sloeg het lichtzwaard uit zijn handen, maar voordat Balak het door had was Zu al verdwenen van zijn plaats en pakte zijn lichtzwaard weer op en zag zijn kans om Balak in de hoek bij de deur te drijven, zonder een aanvallende actie uit te voeren. Zijn doel was om hem daar vast te zetten en hem of te ontwapenen of te dwingen in een zwaard tegen zwaard positie, waarin hij zijn fysieke overwicht kon benutten zonder Balak te verwonden. Hoezeer Zu ook probeerde om Balak op een slimme manier te ontwapenen, de meester dreef hem tot het uiterste. Daarom zorgde Zu ervoor dat ze zwaard tegen zwaard uitkwamen en wist zo dit gevecht vanuit een verdedigende houding te beëindigen. Met een duwtje van de Kracht tegen de borst van Zu duwde Balak hem achteruit en schakelde toen zijn lichtzwaard uit en zei: 'Padawaan, je bent uiterst bekwaam in de zelfverdediging, deze test mag je als geslaagd beschouwen.' Zu wist dat dit de eerste grote stap was in de richting van het ridderschap.

2086
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

#1
Vijf dagen later stond Zu Nalek opnieuw in het bijzijn van zijn meester voor de Jediraad. De Zadrak had intensieve dagen achter de rug, waarin hij keer op keer op de proef was gesteld voor het testen van de bekwaamheid voor het Jedi ridderschap. Meester Balak nam opnieuw het woord: 'Padawaan, er rest je nog 1 laatste test. Zoals je weet is dat een persoonlijke missie die je zonder je meester moet voltooien.' Zu wist dat dit de zwaarste test zou zijn, de laatste stap naar het ridderschap. Een test die door velen voltooid was, maar ook voor velen een onneembare horde was gebleken. 'Deze missie is naar voren gebracht door de 'Uitbreidingsraad', die een zakenman verdenkt van corruptie binnen het exploiteren van een nieuw te koloniseren wereld. Het is aan jou de taak om deze zakenman te schaduwen en beschermen zonder dat hij van je bestaan af weet. Gedetailleerde informatie is te vinden in dit holocron.' Zu nam de holocron in ontvangst en daarmee aanvaarde hij de missie en dus ook zijn laatste horde voor het ridderschap.

'440 ton erts, 2 ladingen kwaziekruiden, 3100 voedselpakketten, 3 Laser kanonnen, 400 laser geweren en 250 proton granaten.' sprak Yettl Fridomia door zijn comlink. 'En zorg dat de douane deze zending niet onder ogen krijgt. Als deze lading onderschept wordt, ken je de gevolgen.' Met enige frustratie drukte Yettl op de comlink om het gesprek te beëindigen. 'Die lamlendige Gamoreanen gaan me nog eens de kop kosten' mompelde hij in zichzelf. De lading was 1 van de vele transporten die hem een extraatje opleverden. Naar eigen zeggen was dat ook hard nodig, omdat hij anders niet kon investeren in de ontwikkeling van zijn legale activiteiten. Zijn onderneming was op papier een handelsonderneming die ondersteuning bood aan verschillende kolonisatie projecten die vanuit de Galactische Republiek geïnitieerd werden. Vooral het bevoorraden van de eerste kolonisatieschepen was 1 van de kernactiviteiten van Fridomia Trade. Maar onder de kolonisten bevonden zich niet alleen avonturiers, maar ook een mensen en andere wezens die een nieuw bestaan moesten opbouwen, omdat ze op de plek waar ze waren niet gewenst waren. Vooral voor deze groep werden andere goederen gevraagd dan op de lijst met toegestane goederen staan die door de Uitbreidingsraad was opgesteld.
Yettl was een mens van Corellia, die na een rustige jeugd op 16-jarige leeftijd op avontuur ging en zonder krediet of iets wat van waarde was op Coruscant terecht wist te komen. Daar richtte hij zijn eigen bedrijf op door te handelen in cosmetische artikelen voor verschillende soorten. Maar om het hoofd boven water te kunnen houden in de lagere regionen van deze stadsplaneet, nam hij risico's en ging zich bezighouden met activiteiten net buiten de wet van de Republiek. Een van de sterke punten van Yettl was het verdoezelen zijn illegale activiteiten in zijn legale werkzaamheden. Zo was er een paar dagen geleden een contact die hem informeerde over een meeting op Almania, een wereld die op de nominatie stond om gekoloniseerd te worden door de Republiek. Binnen een handomdraai had hij een dekmantel opgezet die hem officieel naar de wereld Vaynai zou brengen, een wereld op maar een half uur hyperspace afstand van Almanai. De dekmantel bestond uit het opzetten van een samenwerkingsverband met een onderneming die handelde in een medicinale substantie, die bekend stond als 'Slick'. En deze substantie stond op de nominatie binnen de Uitbreidingsraad om opgenomen te worden in de standaard medkits van de kolonisatieschepen.

Zu Nalek was niet echt onder de indruk van Yettl Fridomia aan de hand van de informatie die hij ter beschikking had in het holocron. Op het eerste gezicht leek het een keurige zakenman, die zijn zaken goed op orde had en 1 van de meest betrouwbare handelsondernemingen binnen de verschillende kolonisatie projecten. Alleen de inlichtingendienst had verschillende vreemde contacten geregistreerd, die deze Yettl verbond aan handel die buiten de bestaande handelsregels vielen en dus strafbaar waren. Maar deze relatief kleine vergrijpen zouden toch nooit de werkelijke reden van het schaduwen van deze zakenman zijn? Juist op het moment dat hij extra informatie over de achtergrond van Yettl wilde gaan opzoeken, kwam meester Jonado polshoogte nemen bij zijn padawaan. Het gesprek wat volgde gaf meester Jonado veel vertrouwen, maar Zu merkte dat er veel onrust over deze opdracht in de gedachten van zijn meester was. Dit gaf hem een beetje een raar gevoel alsof de Jediraad zijn meester al meer had verteld over de ware toedracht van deze missie. Maar gelukkig hielp dat gevoel hem alleen maar om met nog meer ijver alles te weten te komen over deze zakenman, voordat hij over anderhalve dag werkelijk op pad moest. Hij zou de mensen met wie Yettl de meeste contacten onderhield bestuderen, ondernemingen waar hij zaken mee gedaan had bekijken, de schepen waar hij vaak mee reisde bestuderen, de planeet Vaynai bestuderen, omdat dat de bestemming was waar hij naar toe zou gaan. Het was de bedoeling van Zu om geen detail over het hoofd te zien, zodat hij met voldoende kennis op pad kon gaan en verder rekende hij op de training die hij al die tijd in de Jedi tempel had gehad.

Alle zaken voor de ontmoeting op Almanai waren geregeld en alles voor zijn dekmantel op Vaynai ook. Dus niets kon Yettl meer tegenhouden om een geweldige deal te gaan sluiten. Met de juiste holocrons op zak vertrok hij naar zijn eigen hangar, waar zijn vervoer al klaar stond. Hij had besloten om met zijn zakelijke sterrenschip naar Vaynai te reizen en van daar in een minder opvallend schip verder te reizen naar Almanai. Zoals hij op iedere trip deed nam hij zijn protocoldriod mee, om met eventuele soorten te kunnen communiceren. Verder hield Yettl ervan om alleen te reizen, omdat op die manier de kans op fouten kleiner was.

971 - 3057
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet


Alleen de tijd die het duurde om door de eindeloze verkeersstromen van Coruscant te komen, werkte hem altijd op zijn zenuwen. De grote hoeveelheden schepen op zo'n kleine oppervlak gaf hem een onbehaaglijk gevoel. Te veel variabelen die voor narigheid konden zorgen bij elkaar. Dit stuk van elke reis was erger dan de tijd die werd doorgebracht in hyperspace, want de stilte en duisternis van de ruimte gaf hem om een of andere reden meer rust. De klaring bij de douane liep gemakkelijker dan verwacht en voor Yettl het wist was hij de navicomputer aan het instellen om de Perlemiaanse handelsroute te volgen in hyperspace. Deze hyperspace route was een van de veiligste en meest gebruikte route die vanuit de centrale werelden naar ver in de outer rim voerde. Yettl zou deze keer de volledige route nemen die eindigde net voorbij Quermia, van waar een kleine ruimtesprong nodig was om Vaynai te bereiken. De tijd in hyperspace probeerde Yettl altijd goed te gebruiken om mogelijke leveranciers door te lichten. Door zijn contacten bij de Republikeinse inlichtingen kon hij over betrouwbare informatie beschikken, die hem in het verleden vaak genoeg hadden geholpen om corrupte leveranciers buiten boord te houden. Via zijn contact was hij ook vaak genoeg in contact gekomen met de topleveranciers op nieuw ontdekte werelden.
Eerder dan hij verwacht had gaf de navicomputer aan dat ze binnen enkele minuten uit hyperspace zouden komen. Yettl baalde even dat hij te lang met een mogelijke ertsleverancier uit Phu bezig was geweest, want erts was niet het product waar hij rijk van werd. Hij sloot daarom met enige frustratie de holocron en borg deze netjes op in het verborgen compartiment van zijn schip. In de schok van de sprong uit hyperspace zag hij door zijn vensters de sterrenlijnen weer in sterren veranderen, een beeld wat Yettl mooi vond om te zien, omdat het hem het gevoel gaf dat hij het licht te snel af was geweest. Hij probeerde niet te lang te genieten van de aanblik van Quermia die als een speldenknop aan zijn linkerhand te zien was. Hij stelde de navicomputer in op de microsprong naar Vaynai en zag dat de hyperdrive nog 13 minuten nodig had om voldoende af te koelen voor een microsprong van deze omvang.

Het eerste deel van zijn missie was tot nu toe goed verlopen. Zonder veel problemen had Zu Nalek de Corelliaanse zakenman kunnen volgen in Coruscant. En dat de perlemiaanse handelsroute gebruikt zou worden voor de reis was ook te verwachten. Voor de reis naar Vaynai had hij zich voorgedaan als handelaar in droids, die uitstekend functioneerde onder water en van waarde konden zijn in het onderhoud van de kweekbassins van 'Slick'. Een makkelijk te spelen rol, waarbij zijn woeste voorkomen eigenlijk het enige opvallende was. Het schip dat hij had kunnen strikken was zoals een droidhandelaar betaamde een van de beste schepen die er voor handen waren. Dat gaf hem voordelen bij de wachttijd tussen twee hyperspace sprongen. Zeker omdat je als jager in principe sneller moet kunnen zijn dan de prooi. Maar ook in deze situatie moest Zu zich beroepen op terughoudendheid en een afwachtende houding aannemen en rustig reageren op de situatie zoals deze zich voordeed.
Precies op het moment dat hij het verwachtte zag hij de sterrenlijnen verdwijnen en bevond hij zich aan het einde van de perlemiaanse handelsroute. En gelukkig zag hij het schip dat hij op Coruscant gevolgd had ook in deze sector. Maar omdat hij wist dat hij nog 7 minuten had voordat de Corelliaan weer een sprong door hyperspace zou maken, zou hij een korte stop maken bij het ruimtestation dat hier gevestigd was als uitvalbasis voor schepen die voorraden of iets dergelijks nodig hadden. Met een korte stop voor het bijvullen van zijn zoetwater voorraad, wat in de praktijk ongeveer 1,5 minuut in beslag nam tussen aanmelding en afmelding. Precies genoeg tijd om een halve minuut na hem naar Vaynai te kunnen springen.
'DZ-392, uw verzoek voor het bijvullen van zoetwater is geaccepteerd.' Sprak de droid van de hoofdbesturing van het ruimtestation. 'Volg de volgende vector als aanvliegroute, 3N-4ZO, om de koppeling vlekkeloos te laten verlopen.' Zu Nalek zette zijn schip op automatische besturing, om te voorkomen dat hij onder verkeerde vector aan zou vliegen. Hij had altijd een raar gevoel als hij droids door zijn com hoorde praten alsof het gewoon mensen waren. Misschien kwam dat omdat hij hun aanwezigheid niet kon voelen in tegenstelling tot de levende wezens. Na enkele seconden hoorde hij de koppeling tot stand komen en alles klonk vertrouwd. Maar op het moment dat er weer losgekoppeld zou worden, sprak de droid door de speaker: 'Onverwacht probleem opgetreden, wacht totdat de oorzaak van het probleem gevonden is en opgelost kan worden.' Zu wist dat dit minimaal een vertraging zou opleveren van een half uur en die tijd had hij niet. Daarom bekeek hij in het systeem van het schip en zag dat de koppeling van de toevoerslang niet meer werkte en blokkeerde. En nu stond hij voor een lastige keuze. Het was een makkelijk probleem, dat met een tikje van de Kracht op te lossen viel, maar dan zou hij zijn dekmantel misschien verliezen. Aan de andere kant kon hij niet een half uur wachten, omdat hij dan mogelijk de Corelliaan uit het ook dreigde te verliezen. Zijn hersenen werkte op topsnelheid om naar mogelijkheden te zoeken. Het eerste wat hij deed, was contact leggen met het ruimtestation om een prognose van de vertraging. Zodat ze daar konden zien dat hij het probleem serieus nam en eventueel bereid was om waar nodig ondersteuning te leveren. Hij wist dat hij snel moest handelen om te voorkomen dat hij de Corelliaan uit het oog zou verliezen. Daarom besloot hij om een astromech droid in te zetten, die het probleem van dichtbij zou bekijken. Binnen anderhalve minuut had hij de droid op de romp van zijn schip staan en werd er door de kleine droid gewerkt aan het loskoppelen van de toevoerslang. Maar de kleine droid trok iets te enthousiast aan de slang en brak de slang af, waardoor een grote hoeveelheid zoet water ervoor zorgde dat de droid er alles aan moest doen om op de romp te blijven staan. Door de cockpit galmde de stem van de andere droid: 'Onverwacht probleem opgetreden, wacht tot de oorzaak van het probleem gevonden is en opgelost kan worden.' 'Irritante driods ook altijd, dat heb ik zelf ook wel door' dacht Zu bij zichzelf. Doordat de slang nu los was van het schip zou Zu kunnen vertrekken, maar dan zou hij de aandacht van de autoriteiten van het ruimtestation trekken. Hierdoor besloot hij om contact te zoeken met het controlecentrum van het ruimtestation om te melden wat er gebeurd was en dat hij de schade zou vergoeden.
Vier minuten later was Zu eindelijk weer onderweg en wist dat de Corelliaan nu een voorsprong had van twee minuten en al onderweg was naar Vaynai. Toen hij de sterren in strepen zag veranderen wist hij dat hij ook onderweg was naar Vaynai. Zu hoopte dat de situatie bij het ruimtestation niet de voorbode van een missie vol tegenslagen zou zijn. Hij hoorde zijn meester in gedachten zeggen: 'Tegenslagen maken je sterker en scherper, dus probeer ze dus ook zo te benaderen.'

Toen Yettl weer in de normale ruimte terugkeerde zag hij de prachtige aanblik van de oceaanplaneet Vaynai. Het oppervlak bestond grotendeels uit oceanen, maar het was niet te vergelijken met een bijvoorbeeld Kamino, waar stormen eerder regel dan uitzondering waren. De weerscondities op deze planeet waren rustiger en daarom was deze planeet ook bezaaid met kunstmatige eilanden, waarop rijke zakenmensen en ondernemingen hun eigen resorts hadden. Voor velen was Vaynai een paradijs waar zorgen vergeten konden worden en je verwend kon worden op een manier die je op weinig werelden tegenkwam. Maar daardoor was de bescherming van de planeet uitzonderlijk goed op orde, omdat door de hoge gemiddelde levensstandaard van de bezoekers van deze planeet, ook een grotere dreiging van aanslagen met zich mee bracht. Daarom was het belangrijk om een bezoek aan deze planeet goed voor te bereiden en alles te vermelden wat je van plan was. En ook alle materialen die je invoerde werden goed gecontroleerd, maar ook hier kon je met de juiste contacten snel door deze procedure heen gaan. En natuurlijk had Yettl deze contacten, waardoor hij zonder problemen binnen een kwartier door de inklaringsprocedure heen was. Het was de derde keer dat hij deze planeet bezocht en het was toch altijd heerlijk om in dit paradijs rond te lopen. Nadat hij de ruimtehaven achter zich had gelaten scheerde hij met zijn schip over de lang uitgestrekte oceanen, die vol leven zaten, in de verte sprongen een aantal grote vissen op een ritmische manier uit het water en zag een grote logge vissoort net onder het wateroppervlak zwemmen. Het zou een klein half uur duren, voordat hij bij zijn contact zou zijn. Dus hij besloot maar van deze mooie planeet te genieten.

Damien Quantore liep zijn check-list nog eens door. Hij stond op het punt om de Jedi Tempel voor een langere tijd te verlaten, dus was het belangrijk om zeker te zijn dat hij alle informatie die hij nodig zou hebben beschikbaar had. Gelukkig had een Jedi geen grote hoeveelheid eigendommen, die hij nodig had. Het enige wat een Jedi echt dierbaar was, was zijn lichtzwaard en die hing zoals altijd aan zijn riem. Maar het was altijd vreemd om een plek als de Jedi Tempel voor een langere tijd te verlaten. De rust en vrede die deze plaats uitstraalde, de overvloed aan kennis en de altijd in overvloed aanwezigheid van de Kracht maakte deze plaats als een thuis voor iedere Jedi.
Na het afronden van zijn proeven had Damien een padawaan uitgekozen, waarmee hij meteen op een missie werd gestuurd naar een wereld in de Mid Rim, om een politiek geschil op te lossen. Een opstand van mijnwerkers dreigde de planetaire regering omver te werpen, waarin er door de planetaire regering gevraagd was om bemiddeling door de Jedi. De situatie was te overzien geweest en na anderhalve dag had zich al een mogelijkheid voorgedaan om een akkoord te sluiten tussen de beide partijen, maar vanuit het mijnwerkerskamp was er een aanslag gepleegd op de officiële presentatie van het akkoord, waarbij de jonge padawaan van Damien omgekomen was. Het was een harde klap geweest voor Damien, maar achteraf was hij er alleen maar sterker uitgekomen en vond hij rust in de gedachte dat zijn padawaan 1 was geworden met de Kracht. Dit alles was nu 2,5 maand geleden gebeurd en door de Jediraad was besloten dat Damien voor een periode van 6 maanden niet de gelegenheid zou krijgen om een padawaan te kiezen, waardoor hij voor deze missie in aanmerking was gekomen. Het doel van de missie was om binnen 3 maanden alle voorbereidingen te treffen voor de aankomst van de eerste kolonisatieschepen. Het contact leggen met inheemse soorten en het in kaart brengen van potentiele gevaren waren de hoofdtaken van Damien. Daarnaast was het belangrijk om stappen te zetten voor de acceptatie van een planetaire regering en geografisch in kaart te brengen waar de eerste gekoloniseerde steden gevormd zouden moeten worden. De gestelde tijd was voor de meeste planeten genoeg gebleken, maar als er op de planeet al veel rivaliteit heerste tussen verschillende volken en soorten, dan was er vaak geen goede houding richting kolonisten.
Damien besloot om een aantal mensen gedag te zeggen, om met een goed gevoel te kunnen vertrekken. Zijn vroegere meester was op een andere missie, dus hem kon hij niet bezoeken. Daarom nam hij alleen afscheid van zijn trainingmaatje in het lichtzwaardvechten en een meester die hij vaak raadpleegde in de analyse van moeilijke geschillen. Verder zou hij niet weten wie hij gedag zou moeten zeggen, want dat is het tegenstrijdige van de Jedi. Ze hebben een hele hechte band met de Kracht, die voor wezens die niet gevoelig waren voor de kracht onbeschrijflijk was, maar daarentegen in relaties met anderen was de Jedi eigenlijk een einzelgänger, die op zichzelf was aangegeven, zich niet emotioneel bond met anderen en daardoor veel op zichzelf was aangewezen. Aanhechting kende de Jedi alleen met hun padawaan en de Kracht, andere vormen zouden hen afleiden van hun band met de Kracht en niet langer de Kracht centraal stellen, maar zichzelf en dat leidt naar de duistere kant. En eenmaal daar gekomen, was het volgens de overlevering onmogelijk om terug te komen. Vanuit die gedachte sloot Damien zijn verblijf af en liet de Jedi Tempel achter en begaf zich naar de hangar waar zijn sterrenschip stond te wachten.

Stress heb je zelf in de hand, bedacht Yettl bij zichzelf, want hij zorgde altijd dat hij bij geplande reizen en afspraken altijd voldoende tijd nam om de rust te kunnen bewaren, deed hij dat niet, was zijn filosofie dat je eraan onderdoor zou gaan, dat je jezelf voorbij zou lopen en dat je minder scherp zou zijn op momenten dat het nodig was. Daarom had hij alle tijd om een goede plek te zoeken om zijn schip neer te zetten. Met zijn contact op Almania had hij afgesproken dat hij zijn schip zou achterlaten in de buurt van de stad Nardan, een middelgrote stad vlak bij de verwerkingsfabriek van het zeewier, waar hij volgens zijn officiele documenten heen zou gaan. Het schip om naar Almania te vertrekken stond klaar bij de fabriek en was door zijn contact geregeld. Met een gerust hart liet hij zijn schip achter en ging samen met zijn protocoldroid in de stad op zoek naar een taxi. Dat bleek geen probleem te zijn en zo kwam hij precies volgens plan aan bij de fabriek, waar hij ook zonder enige moeite werd toegelaten. De boodschap die hem werd meegegeven door de portier was: 'We verwachten u al, deze droid zal u en uw droid begeleiden naar het gebouw waar u moet zijn.' Yettl was onder de indruk van wat hij zag en bedacht zich dat het misschien wel het overwegen waard was om werkelijk in deze 'Slick' te gaan handelen. Maar dat was voor later, het was eerst zaak om volgens plan naar Almania te gaan en daar een goede deal te sluiten.
Het gebouw waar de droid hen heen leidde was niet wat hij direct verwacht had, want hij kon nergens een hangar ontdekken met sterrenschepen erin. Zijn vermoeden werd bevestigd toen hij het gebouw in ging en het een kantorencomplex was, waarvan hij er al zoveel had gezien. Dit leek dus even anders te lopen dan hij verwacht had. De droid liep in een grappige tred nog steeds voor hem uit en leidde hen door het doolhof van gangen naar een zaal, wat eruit zag als een vergaderzaal. 'U wordt verzocht hier te wachten'  zei de droid en na een korte buiging verliet hij de zaal en liet Yettl met zijn protocoldroid achter. Yettl besloot het zichzelf makkelijk te maken en liet zich zakken in 1 van de stoelen, maar wat hij hier kon verwachten wist hij niet.
Zu Nalek was blij dat hij wist dat de Corelliaanse zakenman een afspraak had bij een fabriek in de buurt van Nardan. Zeker omdat de afwikkeling van de douane zaken meer tijd in beslag namen dan hij van tevoren had gedacht en dat zijn doelwit er hoogst waarschijnlijk sneller doorheen gegaan was. Voor de derde keer mocht hij uitleggen, waarom er bij zijn invoer voor zoet water veel schade was ontstaan. En deze douanebeambte had duidelijk de tijd en was niet van plan om Zu zomaar door te laten gaan. De verklaring van Zu leek de beambte niet te geloven. Daarom werd Zu verzocht om een formulier in te vullen waarin hij verklaarde dat hoe de schade aan zijn schip was ontstaan, wat het doel van zijn bezoek was en nog verschillende andere zaken, die hem onnodig veel tijd kostten bij het betreden van deze planeet. Tijd die hij niet had en deze vertraging zou wel eens desastreus kunnen zijn voor het volbrengen van zijn missie. Daarom besloot hij te proberen of hij de douanebeambte met behulp van de Kracht zou kunnen beinvloeden. Veel ervaring had hij er niet mee, hij had het gedaan in oefensessie met niet-intelligente wezens, maar dat was veel minder complex. En deze beambte leek ook niet gemakkelijk te beinvloeden. Maar het was het proberen waard. In de Kracht ging hij op zoek naar het bewustzijn van de beambte om daar grip op te krijgen, iets wat te vergelijken was met in het donker de weg vinden door een onbekende ruimte. Tot zijn verbazing was het bewustzijn minder sterk gefocussed dan hij dacht. Spreekwoordelijk greep hij de klink van de deur van het bewustzijn van de beambte en opende die om in zijn bewustzijn te stappen. Fysiek hief Zu zijn hand omhoog en wuifde terwijl hij de volgende woorden sprak: 'Je hebt deze zaak nu voldoende onderzocht en er is niets wat een bedreiging vormt voor deze planeet en je bent vrij om te gaan en te staan waar je wilt.' Zu zag de ogen van de beambte verstarren en herhaalde de uitspraak van Zu en daardoor kon hij eindelijk zijn weg vervolgen. Zo snel als mogelijk vervolgde hij zijn weg om zo snel mogelijk bij zijn schip te zijn. Met behulp van kleine tikjes van de Kracht liet hij de menigte in het douanegebouw zich zo bewegen dat hij zonder enige moeite snel naar zijn schip kon gaan.

2915 - 5972
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

Gelukkig had hij informatie waar de Corelliaan heen zou gaan en waar hij te vinden zou zijn. De informatie die hij kreeg, was dat de beste man een afspraak had bij een verwerkingsfabriek van 'Slick' waar in de buurt van de stad Nardan. Hij wilde geen tijd meer verliezen en besloot om direct naar de fabriek te vliegen en op basis van zijn dekmantel proberen binnen te komen.
Aan de poort van de fabriek werd Zu staande gehouden en de portier was niet van plan hem binnen te laten zonder een afspraak. Maar door op een sluwe manier met namen te spelen en de portier te overtuigen dat deze personen hem wel verwachtten, belde de portier naar het hoofd van de afdeling onderhoud. De houding van de portier was ongeduldig geworden, maar na enkele ogenblikken aan de telefoon met deze persoon, veranderde de houding van de portier abrupt, antwoorde de persoon met een kort maar krachtig: 'Ja, meneer, ik zal hem doorsturen.' En hij verbrak de verbinding en richtte zich naar Zu, en zei:  'U wordt inderdaad verwacht, u wordt binnen enkele momenten door een droid begeleid naar de plek waar u moet zijn.' Zu was bang geweest dat hij een andere manier moest zoeken om binnen te komen, maar dit was een meevaller waar hij niet meer op gerekend had, maar hij hoopte dat hij ook te weten zou komen waar de Corelliaan zich bevond en dat hij nog niet in gevaar verkeerde. De droid die hem begeleide kwam binnen en Zu volgde de droid het terrein op.

Yettl begon een beetje ongeduldig te worden en begon te twijfelen of deze klus wel zo'n goed idee was geweest. Het contact over deze klus was niet zoals gewoonlijk geweest. Het was namelijk via een droid gelopen, die hem benaderd had in een restaurant waar hij tijdens een zakenlunch had gegeten. Hij had een handgeschreven document bij zich, waarin details stonden over een mogelijk te plaatsen order rondom een nieuw op te richten fabriek op een afgelegen planeet. De boodschap die de droid gaf was dat als hij hierin geinteresseerd was er een winst van 25% gemaakt kon worden door de unieke locatie en dat als de fabriek binnen een bepaalde tijd volledig zelfstandig kon draaien er een enorme bonus te verdienen was. Misschien was Yettl toch iets te gretig geweest, maar nu was hij hier en kon hij er maar het beste van maken, het was de kunst om er altijd maar proberen het beste van te maken. Hij werd opgeschrikt in zijn gedachten toen hij iemand hoorde aankomen. De deur gleed open en de droid die hem begeleid had, kwam opnieuw binnen, in het gezelschap van de mens en zei tegen de mens: 'Hier wordt u verwacht.' Daarna liep de droid terug de gang in en ging weg. De mens stapte binnen en leek lichtelijk verbaasd.
Zu had veel dingen verwacht, maar niet dat hij in een directe lijn naar de Corelliaan gebracht zou worden. De Corelliaan had duidelijk al even zitten wachten en stapte daarom op hem af en zei: 'Yettl Fridomia is de naam, aangenaam. Ik ben zo snel als mogelijk naar de afgesproken plek gekomen en hoop dat we snel aan de gang kunnen, zodat er geen tijd verloren gaat.' Zu zou de aandacht op de Corelliaan moeten houden om niet te veel risico te nemen, omdat zijn missie was om deze beste man te beschermen en dat zonder dat hij van zijn bestaan af zou weten. Daarom was het goed om zijn werkelijk identiteit zo lang mogelijk verborgen te houden. 'Dank u dat u zo snel bent gekomen' reageerde Zu op een formele manier. 'Ik neem aan dat de voorbereidingen volgens plan verlopen.'
De Corelliaan was graag aan het woord en beschreef in detail welke voorbereidingen er waren getroffen voor veilige handelsroutes binnen Coruscant en de andere werelden binnen de Republiek die gebruikt zouden worden voor de grondstoffen van de nieuw te bouwen fabriek. Zu probeerde de gesprekstechnieken en zelfs een aantal van de verhoortechnieken te gebruiken om zoveel mogelijk informatie uit de zakenman te halen. Dit om een goed beeld te vormen wat de gevaren voor deze man waren, wat waarschijnlijk de echte reden reden was van de missie om hem te beschermen. Op het moment dat hij zijn verhaal duidelijk gedaan had en verwachtte dat Zu nu zou reageren door de Corelliaan naar het afgesproken schip te brengen. Legde hij die actie buiten zichzelf door te zeggen: 'Laten we eerst wachten wat mijn baas te vertellen heeft, hij zou ons beiden hier treffen en ons gezamenlijk naar het schip brengen.' De Corelliaan was duidelijk verbaasd door deze reactie.
Yettl was opgelucht geweest dat hij eindelijk een persoon sprak voor deze klus, omdat tot nu toe er alleen nog maar gecommuniceerd was via droids. Maar nu de beste man zei dat ze nog op iemand anders wachtten, bekroop hem het gevoel dat hij misschien teveel had gezegd tegen de verkeerde persoon. Daarom besloot hij maar opnieuw rustig te gaan zitten en te wachten.

Daar lag het, de uitdaging, de opdracht, de onbekende grond. Een planeet als vele anderen, grote bossen, grote meren, 2 oceanen. Maar toch was deze planeet voor Damian anders dan alle anderen, hij zou de eerste Jedi, wellicht de eerste mens zijn om voet op deze planeet te zetten. Hij zou ontdekken hoe de lucht zou zijn, hij zou het water proeven. Dieren doen opschrikken, planten vertrappen, een huis bouwen, de basis vormen van een nieuwe beschaving op deze planeet. Hij was de eerste streep van de kunstenaar op het doek. Of niet, zouden anderen hem al voor zijn geweest, zouden technologie en beschaving al hand in hand gaan. Dit was het moment dat hij het zou ontdekken. Langzaam werd de planeet groter, langzaam herkende hij meer en meer de continenten, herkende hij de landingsplaats die hij had uitgekozen. Om deze eerste landing zo intens mogelijk mee te maken, besloot hij om handmatig de besturing over te nemen en onder de juiste hoek de atmosfeer in te duiken. Hij wilde de reactie van de instrumenten op de atmosfeer zien, de kracht voelen waarmee hij steeds dichterbij het oppervlak kwam. Bij de plek waar hij zijn schip zou neerzetten, waar hij werkelijk voet op de grond zou zetten. Hij moest en zou intens dit moment beleven, omdat het nooit meer de eerste keer kon zijn. Maar juist op het moment dat hij door de atmosfeer heen was, waarschuwde zijn instrumenten hem voor een schip dat onder hem vloog. En dat schip had hem duidelijk gezien en had zijn wapensystemen op scherp staan. Damien moest moeite te doen om niet te schelden, want hij wist dat dit zou kunnen gebeuren, dat er toch een beschaving was of dat andere avonturiers of groeperingen hem voor waren geweest. Hij besloot om zijn wapens op stand-by te laten staan, om te laten zien dat hij niet kwam om te vechten, maar zoals de Jedi behoren te doen, dat hij kwam in vrede.

1166 - 7138
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

De andere piloot leek zijn houding te zien en te accepteren en ging achter hem vliegen om bij onverwachte manoeuvres goed te kunnen reageren. Op zijn schermen zag Damien dat er een eskadron opsteeg vanuit de jungle en in zijn richting kwam om hem te escorteren naar een plek om te landen. Damien stuurde via een algemeen com kanaal zijn identificatie die zijn bedoelingen liet zien en deed dat in verschillende talen en codes om er zeker van te zijn dat hij er alles aan deed om geen gevecht uit te lokken. Maar tot zijn verbazing bleef het angstig stil op het com kanaal. Deze wezens namen niet de moeite om contact met hem op te nemen en dus kon hij niets anders doen dan te volgen. Damien verwachtte dat hij naar de plaats waar het eskadron was opgestegen geleid zou worden, maar dat was niet het geval. Hij werd juist in tegengestelde richting geleid. Voor de zekerheid had hij zijn astromech droid de opdracht gegeven om de systemen te beschermen tegen invloeden van buiten. Druk kwetterend liet de astromech droid weten dat het geen overbodige luxe was geweest, want vanaf het moment dat het eskadron was opgestegen werd het systeem van alle kanten belaagd. Enkele minuten later werd zijn besturingssysteem overgenomen en hadden zijn bevelen geen invloed meer. Meteen ging zijn schip dichterbij het eskadron vliegen en daalden ze snel af naar het oppervlak. Maar dat zag hij niet, omdat alle vensters verduisterd waren vanaf het moment dat hij de controle over het schip had verloren. Damien gaf de astromech droid de opdracht om de controle weer terug te krijgen en het schip uit de wurggreep van de buitenwerelders te krijgen. Maar wat de kleine droid ook probeerde niets werkte. De besturing van afstand was erg geavanceerd, want aan het zwenken van het schip kon hij merken dat er niet in een rechte lijn gevlogen werd, maar dat het schip als het ware door een doolhof aan het vliegen was. Dit kon niks anders betekenen dat ze zich vlak bij het oppervlak van de planeet moesten bevinden. En abrupt kwam het schip tot stilstand en hoorde hij veel bedrijvigheid rondom zijn schip. Daarom besloot hij zich te beroepen op de Kracht, omdat door de verduistering van de vensters van zijn schip hij met zijn eigen ogen niets kon zien. Daarom moest de Kracht zijn ogen vormen, dus nam hij een meditatiehouding aan om zich volledig te kunnen overgeven aan de Kracht. Op het moment dat hij zich een liet worden met de Kracht, voelde het alsof hij zich in een soort cocon bevond. Het was duidelijk dat hij in de jungle was, dat kon hij wel voelen, maar verder dan dat kwam het niet. Er was iets wat hem beperkte in het gebruik van de Kracht. Alsof de Kracht ervoor koos om hem niet meer te laten zien, dan iets of iemand toeliet. Was dit de duistere sluier waarover de Jediraad had gesproken? Een gevoel van machteloosheid bekroop hem en hij zocht naar manieren om uit de spreekwoordelijke cocon te breken, zoals een vlinder dat met veel moeite deed. Dit was een moment om te groeien als Jedi, besefte Damien maar al te goed. Zijn meester had die les oneindig veel herhaalt: 'Als een boom nooit hoeft te zoeken naar water, zullen zijn wortels oppervlakkig groeien en bij de eerste storm meteen omvallen.' Ook al zou het lang duren, hij moest en zou scheurtjes moeten vinden in de cocon die om hem heen lag.

Yettl en Zu Nalek keken vreemd op toen de droid, die hen beide naar binnen begeleid had, wederom naar binnen kwam en vroeg of beide heren hem wilde volgen. Vooral Yettl vond het vreemd, omdat hij het gevoel had gehad dat de jongeman, die binnen was gekomen, zijn contact was geweest. Maar blijkbaar was hij maar een tussenschakel in een groter geheel. Een boodschappenjongen die gestuurd was om hem wellicht in de gaten te houden. Maar Yettl wist nog niet eens zijn naam, laat staan zijn achtergrond. Maar met de protocoldroid in de buurt, zou hij niet meer informatie proberen te krijgen, omdat alles wat hij zei opgeslagen zou worden in de droid. Dus volgde hij zonder een woord te spreken. Door het doolhof van gangen liepen de twee mensen en de twee droids naar de uitgang. Buiten het kantorencomplex stond een repulsorwagen gereed die hen verder vervoerde. De wagen bewoog zich verbazingwekkend snel over het fabrieksterrein en al snel kwam er een hangar in beeld waar ze waarschijnlijk naartoe zouden gaan. Eenmaal in de hangar aangekomen stond er een schip klaar van een type die Yettl nog nooit had gezien. Hij vermoedde dat het een schip zou zijn van zijn opdrachtgever, die op een manier handelde die hij ook nog nooit had gezien. Maar hij was opgelucht dat hij eindelijk zijn reis naar Almania kon vervolgen.
Zu was aan de ene kant blij dat hij zijn identiteit nog verborgen kon houden voor de Corelliaan en dat hij bij hem in de buurt was, zodat hij niet op een afstand op eventuele gevaren zou moeten reageren. Maar aan de andere kant voelde hij zich langzaam blind worden, omdat hij geen idee had waar ze heen zouden gaan en wat hen daar te wachten stond. Maar het was belangrijk om rust te bewaren en juist op momenten dat je het zelf niet direct in de hand zou hebben, was het makkelijker om eenheid met de Kracht te vinden. En ineens besefte hij dat hij daarop het lichtzwaardtoernooi verloren had. Omdat Laguna in eigenlijk bijna alle opzichten minder was dan andere tegenstanders die hij had uitgeschakeld in het toernooi, was hij teveel gefocussed geweest op zijn eigen fysieke kracht, zijn goed reflexen en techniek. En nu hij daarover nadacht, zag hij het gevecht weer voor zich, van begin tot eind. En eigenlijk had Laguna vanaf het begin van het gevecht al gewonnen, ze had uitstekend gebruik gemaakt van zijn zwakke punten, omdat ze zich door de Kracht had laten leiden. Hij wist nu dat zijn overmoed hem dat toernooi gekost had, een les die hij op de juiste plek had geleerd, binnen de veilige muren van de Jedi Tempel. Een les, die hem later van pas zou komen, hoopte hij. De droid had hen het schip in geleid en nadat ze in het schip waren sloot het schip zich en steeg op. Het schip was van vele comforts voorzien en Zu had het idee dat het een lange reis zou kunnen worden, maar niets bleek minder waar. De lengte van de sprong in de hyperspace was ongeveer hetzelfde als naar Vaynai vanaf het ruimtestation. Maar hij kende geen planeet die daarbij op dezelfde afstand lag, dus moesten ze wel terug gaan naar het ruimtestation om vanaf daar nog een sprong te maken. Maar tot zijn verbazing begon het schip te dalen en gingen ze een atmosfeer in. Hij keek naar de Corelliaan en die leek het al te verwachten, maar begon wel wat zenuwachtig te reageren. Alsof hij ook geen idee had wat er exact zou komen. Zu hoopte maar dat er snel duidelijkheid zou zijn over de locatie en het doel van deze trip. En was opgelucht toen het schip geland was en de deuren open gingen.

'Alles loopt volgens plan, baas.' zei de Rodian, die als taak had gekregen het in de gaten houden van de voortgang van de plannen. 'De Jedi ridder is volgens plan geisoleerd en zal voorlopig niks kunnen uitrichten, tot u het wil.' Zijn baas aankijken durfde hij nooit, omdat hij wist waar hij toe in staat was. De baas was ook een Rodian, die de naam Veedo droeg. Hij bekleedde een belangrijke functie in een ondergronds netwerk, dat grootse plannen had en deze plannen hadden jaren voorbereiding gekend en het was nu eindelijk het moment dat de bal ging rollen. Daarom was het nu zaak om extra voorzichtig te zijn, om te voorkomen dat er teveel informatie in verkeerde handen zou vallen. Daarom was het goed om niet te lang in het geheime centrum te blijven en terug te gaan naar zijn kantoor bij de inlichtingendienst van de Republiek. Vlak voordat hij het kantoor had verlaten, kwam de andere Rodian hem nog achterna en zei: 'Meneer, er is nog meer goed nieuws, de Corelliaan en de Zadrak padawaan zijn in 1 schip ook net geland.' Veedo was verast dat het zo snel gelukt was om deze twee sleutelspelers op hun plek te krijgen. Hij reageerde rustig en zakelijk en zei: 'Dan kan fase 2 opgestart worden, zorg dat de Zadrak breekt en zijn rol gaat vervullen zoals nodig is.' De Rodian knikte en liep weer terug het kantoor in en activeerde een holokanaal en toen er een gestalte verscheen gaf hij de opdracht om de Zadrak en de Jedi ridder bij elkaar te brengen. Ondertussen begaf Veedo zich al in zijn kantoor bij de inlichtingendienst en zat op zijn rapportages te wachten van de undercover agenten die hij op Alderaan had geposteerd om een huurmoordenaars netwerk in kaart te brengen. Een klus die hij met moeite in zijn portefeuille had weten te schuiven. En precies zoals elke week, waren de rapportages precies op tijd en kon hij de voortgang doornemen. Er waren inmiddels 17 leden van het netwerk geidentificeerd, alleen het netwerk was beter opgezet dan Veedo had verwacht. Maar in dit soort situaties greep Veedo terug op zijn motto: 'Ieder nadeel moet je in je voordeel laten werken.' Daarom had hij als stok achter de deur al veiligheidscode 7 aan deze missie gegeven, die in bepaalde situaties kon zorgen dat er Jedi ingezet konden worden om bepaalde taken uit te voeren. Maar het was altijd de vraag of dit het moment was om die troef in te zetten. Want als je te vroeg de Jedi inschakelden, kon hij in de toekomst fluiten naar zulke ondersteuning. Dus daarom besloot hij om de huidige undercover agenten nog maar even door te laten graven. Er waren namelijk andere zaken die hoger op de prioriteitenlijst stonden.

1673 - 8811
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

Maar toen Veedo door de profielen van de leden van het netwerk heen ging, kreeg hij ineens een goede ingeving, dat deze leden een goed alternatief boden voor een ander project.

'Lid 9, 13 en 15 hebben prioriteit C gekregen en moeten binnen 3 standaarduur gelokaliseerd zijn.' Phelan wist wat dat betekende. De tijd was aangebroken om zijn waarde als undercoveragent te bewijzen. Maar hij was nog niet ver genoeg geinfiltreerd om deze leden op eenzelfde missie te krijgen. Daarom besloot hij contact te leggen met lid 1, de persoon die hem toegang had verleend in dit huurmoordenaarsnetwerk. Hun vaste ontmoetingsplek was een kroeg in de criminele buurt van Aldera, waar ze onder het genot van een drankje hun opdrachten uitwisselden. Hij zou het kort en zakelijk moeten houden, anders zou hij wellicht doorvragen over zaken, die hem helemaal niet aangingen. Hij hoopte dat hij deze klus zo kon klaren. Precies op tijd kwam lid 1 de kroeg binnen en bestelde zijn gebruikelijke drankje. Phelan hield het kort en zakelijk en vertelde hem dat hij de 3 leden nodig had en hoopte dat hij hun locatie wist. Gelukkig was dit van 2 van de 3 het geval en kon Phelan snel de locatie aan Coruscant doorgeven. Voor nummer 3 was het lastiger om hem te vinden. Lid 1 vertelde dat hij voor het laatst een opdracht had gehad in Aldera, dus waarschijnlijk was hij niet ver. De opdracht was een particulier verzoek geweest om een minnaar om te leggen, via vergiftiging. Phelan had wel gehoord dat een restaurant kort geleden was aangeklaagd, omdat 1 van de bezoekers was overleden na een bezoek aan het restaurant. Dus besloot hij maar polshoogte te gaan nemen bij de locale overheden, om te achterhalen welke gifstoffen er in het lichaam waren aangetroffen. Verder zou hij laten weten aan Coruscant dat het niet ging lukken om lid 13 binnen 3 uur te traceren. Phelan hoopte maar dat hij hierop niet afgerekend zou worden. Maar meer ging ook niet lukken.

Veedo was tevreden dat er meteen 2 van de 3 personen die hij opgevraagd had gelokaliseerd waren. Dit waren de eerste testen voor de situatie op Almania. De opdracht om ze van Alderaan naar Almania te brengen was al verstuurd, dus binnen 1,5 standaarddag zouden ze op Coruscant arriveren. En het was te hopen dat ze mee wilden werken, maar huurmoordenaars waren niet moeilijk te overtuigen als je met kredieten begon te zwaaien. Lid 9 was een afgetrainde bonk met spieren. Een typisch geval van een domme kracht, die hij gekozen had vanwege de fysieke uitdaging.  Lid 15 was daarentegen een sluwe vos, die met meer precisie een doelwit kon uitschakelen en had daarmee al verschillende malen de plek des onheils er zo te laten uitzien dat de autoriteiten meteen op een doodlopend spoor zaten. Maar gelukkig waren er al 5 andere kandidaten die al afgetraind waren en compleet voorbereid op de uitdaging die ze te wachten stond. Vooral de gladiator uit een wereld die door de Hutten geregeerd worden, was een parel, die een mooie eerste uitdaging moest zijn. De gladiator beschikte over een Jedi katana, een wapen dat vergelijkbaar was met een lichtzwaard, maar als het ware eruit zag als een samurai zwaard. De gladiator was extra gevaarlijk omdat hij jar'kai beheerste en daarmee een aantrekkelijk aanvallende manier van vechten beheerste. De gladiator was op weg naar Almania en zou de eerste uitdaging worden. Maar waarschijnlijk waren er meer dan de 8 die hij nu ter beschikking nodig om het doel te bereiken. Dus zijn zoektocht naar geschikte kandidaten bleef doorgaan. De arena op Almania was bijna klaar, dus de volgende stap in deze marathon kon gezet worden. Veedo was tevreden over de voortgang en hoopte dat de Jedi ridder geen roet in het eten zou gooien, maar dat was voor later zorg.

Yettl en Zu Nalek keken hun ogen uit toen ze over de loopplank het schip uit liepen. Ze hadden op Vaynai mooie uitzichten gezien, zoals je die alleen zag op oceaanwerelden, maar de aanblik van deze oerwoudplaneet was waarschijnlijk nog wel mooier. Deze keer werden ze niet onthaald door een droid, maar door een lieftallige dame die hen begeleidde naar een lobby van een hotel, dat meer klasse uitstraalde dan dat Zu Nalek ooit gezien had. 'Dit is de plaats waar u zal verblijven de komende tijd.' zei de dame met een mooie glimlach. 'En we zullen er alles aan doen om uw verblijf zo aangenaam mogelijk te maken.' Zu speurde de omgeving af op gevaren, maar het leek alsof zijn zintuigen wat afgestompt waren. Alsof hij in een ruimte stond waar hij niet rechtop in kan staan. Hij had geen idee wat dat zou kunnen veroorzaken, want hij had nog nooit zoiets meegemaakt. En hij kon zich ook niet herinneren dat hij er in de lessen in de tempel ooit iets over gehoord had. En zijn meester had het ook nooit genoemd. Het vroeg dus om extra focus in deze omgeving, omdat hij zich beperkt voelde zou hij scherp genoeg moeten zijn om met de mogelijkheden die er waren te reageren op gevaren. Daarom was hij tevreden dat de verblijven van hem en de Corelliaan naast elkaar lagen en ze als gelijken behandeld leken te worden. Zodra hij in zijn verblijf aankwam, zou hij een boodschap naar Coruscant sturen via de comlink die tot de standaard uitrusting behoorde van een Jedi, net zoals het lichtzwaard. De dame die hen welkom had geheten, had ook gezegd dat ze vandaag nog een rondleiding zouden krijgen over het terrein met daarbij ook de mogelijke locatie van de fabriek. Zu had geen idee wat voor fabriek het zou zijn, maar de Corelliaan leek er behoorlijk in geïnteresseerd en zijn humeur was daardoor veel beter geworden. Dat zou dus wel eens de reden kunnen zijn voor het bezoek van de Corelliaan aan deze planeet. Alleen kon Zu nog steeds niet begrijpen wat er hier zo gevaarlijk kon zijn voor de Corelliaan dat hij ongeziene bescherming van een Jedi nodig had. Daarom had hij zichzelf voorgenomen alles wat hij zag in een persoonlijk dagboek bij te houden, voor het geval er zaken zich zouden voordoen, die een gevaar konden vormen voor de Republiek. Tot nu toe had hij vooral de planeet proberen te beschrijven, omdat dat het enige was dat onbekend en eventueel van belang kon zijn voor de Republiek. De rondleiding liet alle gemakken van een goed hotel zien, maar ook een complete arena. Door de arena had Zu het gevoel dat dit een planeet was met primitieve gebruiken, maar de arena zag er nogal nieuw uit. Verder was de locatie voor de fabriek niet echt interessant, want op die plaats stond nu alleen nog maar jungle en niet wat wees op een fabriek. En waarvoor de fabriek zou dienen, wist Zu ook niet en hun gids en de Corelliaan lieten niets los wat hem zou kunnen helpen om dat te achterhalen. Het enige wat hem hoop gaf, was dat in de buurt van de jungle hij het gevoel kreeg dat hij zijn krachtgevoelige zintuigen volledig kon gebruiken en dat voelde alsof hij eindelijk weer goed kon ademhalen. Maar het was nog steeds niet duidelijk waar de gevaren voor de Corelliaan vandaan zouden komen.

1209 - 10020
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

Op de terugweg vanuit de plaats waar de fabriek gebouwd zou worden, voelde Zu een vreemde dreiging, een dreiging die hij niet kon identificeren. Ze waren inmiddels weer ter hoogte van de arena. En tot de verbazing van Zu was deze nu helemaal tot de nok toe gevuld en was er een uitgelaten menigte te horen. Binnen het halve uur dat ze op weg waren geweest naar de toekomstige locatie van de fabriek had de arena zich blijkbaar razendsnel gevuld met bewoners van deze planeet. Hun gids stelde voor om er een kijkje te nemen, omdat hij zelf niet wist wat er gaande was. Tenminste dat zei hij, maar Zu merkte onzekerheid in de stem van de gids. En dat baarde hem zorgen, want hij wist dat er vroeg of laat momenten kwamen, die gevaar opleverden. En dan waarschijnlijk niet gericht op hem, maar op de Corelliaan. Ze traden de arena in, maar niet richting de tribunes, maar eerder naar het middenterrein. Zu wees de gids erop, maar de gids reageerde stoicijns met: 'Nee, hoor we gaan de goede kant op.' En hij kon een glimlach nauwelijks onderdrukken. Dus werden Yettl en Zu de arena ingeleid. En op het moment dat ze het middenterrein betraden, veranderde het rumoer van de menigte in een hard gejuich. Het was alsof een popster zijn podium betrad, of alsof een topsporter het veld betreed. Zu had met zijn lichtzwaardtoernooien wel in een publiek middelpunt gestaan, maar dat was voor maximaal 100 mede padawanen en Jedi's geweest. Dit was andere koek, want als hij zo rondkeek schatte hij in dat er ongeveer 50.000 wezens zaten, waar opvallend veel mensen tussen zaten. In het midden van de arena stonden gewapende mannen in een soort van een cirkel. Door het naderen van Zu en de Corelliaan reageerden de gewapende mannen door een opening te creeren, waar ze waarschijnlijk naartoe moesten lopen.
Yettl wist niet wat hij hiervan moest denken. Vechten had hij alleen vroeger in de kroeg gedaan, maar zodra hij het zich kon veroorloven liet hij het vechten over aan wezens die hij hiervoor betaalde en er beter in waren. Deze situatie zag er behoorlijk dreigend uit, hij hoopte dat zijn metgezel wat zou kunnen betekenen en hij schatte in dat hij er beter in zou zijn dan hem. Want hij kon aan zijn kenmerken zien dat hij een Zadrak was en die wezens stonden om hun vechtlust en fysieke kracht bekend. En de Zadrak was goed afgetraind, tenminste zo leek hij eruit, voor zover je dat kon zien in de wijde en losse kleding die hij droeg. Het glimlachje die hij bij de gids gezien had, maakte hem wat angstig, want het was een lachje die hij wel herkende, een lachje van leedvermaak. Yettl baalde nog het meest van het feit dat hij in goed vertrouwen zijn straler had achtergelaten in zijn verblijf. Dat zou nog wel eens een fout kunnen wezen, die hem noodlottig kon worden. Als dit inderdaad een val was voor hem, dan was deze goed opgezet. Want niemand zou hem hier zoeken, omdat hij zijn dekmantel goed had opgezet. Maar dat was van later zorg, zijn prioriteit lag bij het eerst maar hier levend uitkomen. Op een rustige manier liepen ze samen de cirkel in, die zich meteen weer sloot. 'Letterlijk omsingeld.' was het enige dat Yettl kon denken. Hij hoopte dat hij het mis had en dit een of andere ceremonie zou zijn om hen welkom te heten, of iets anders wat minder dodelijk was dan een gevecht met de gewapende mannen om hen heen. Nu ze stil in het midden van de cirkel stonden, kreeg Yettl eindelijk de kans om te kijken wat voor wapens ze droegen. Het waren een soort samurai zwaarden, die naast de metalen ook energiebundels of iets dergelijks leken te bevatten. De zwaarden maakten namelijk een laag zoemend geluid, zoals andere energiewapens deden. De gewapende mannen hielden de wapens op een vreemde manier vast. Het leek wel alsof ze de wapens op de kop hadden. De blades wezen naar achteren en Yettl hoopte dat het een rust houding was, die duidde op een ceremoniele situatie. En het vreemde was dat ze nu al een paar minuten in het midden van de cirkel stonden en er niets gebeurde. De schrik die Yettl had gehad bij het zien van de gewapende mannen en de juichende menigte begon iets weg te trekken. Wellicht was dit anders dan zijn gevoel zei.
Zu had met grote bewondering naar de wapens van de gewapende mannen gekeken. Dit wapen was een voorloper geweest van het lichtzwaard, dat hij bij zich droeg. Het stond bekend als een Jedi katana, een dodelijk zwaard, mits goed gehanteerd, de combinatie van een metalen blad en een energiebundel zorgde ervoor dat het in verschillende gevechten gebruikt kon worden. Ze hadden er 1 in de hand en 1 in een schede. Maar wat nog opvallender was, was de wijze waarop de mannen het wapen hanteerden. Dat was onmiskenbaar de houding van jar'kai, een wijze van vechten, die dodelijk was. Dodelijk voor de tegenstander, maar bij het verlies van concentratie of controle over het samurai zwaard kon het ook flinke verwondingen opleveren voor degene die het hanteerde. Zu kende verhalen waarin degene die het lichtzwaard op een dergelijke manier gehanteerd had, dodelijke verwondingen had opgelopen. Maar 1 van de dodelijkste lichtzwaardvechters die hij kende, gebruikte deze techniek ook. Daarom was Zu ook op zijn hoede. Want mocht dit op vechten uitdraaien, was het noodzakelijk om de aanvallers 1 stap voor te zijn. Daarom was hij erg geconcentreerd en liet de Kracht meer en meer door hem heen stromen, om zich bewust te zijn van alles wat er in zijn omgeving gebeurde. Maar in zijn achterhoofd speelde ook de woorden van de Jediraad: 'Het is aan jou de taak om deze zakenman te schaduwen en beschermen zonder dat hij van je bestaan af weet.' Het werd dus zaak om zijn lichtzwaard aan zijn riem te laten en te vechten alsof hij een woeste Zadrak was en niet een gedisciplineerde Jedi padawaan. Na enkele minuten werd het gejuich langzaam minder en verscheen er op een centraal balkon in de arena een grijze oude man. En het werd akelig stil in de arena toen de oude man zijn handen ophief. Toen de stilte aanhield nam de man het woord: 'Waarde gasten, we willen u een officieel welkom heten op onze planeet Almania. We zijn dankbaar dat u de moeite hebt genomen om hier te komen om deze planeet te helpen, maar de bouw van de fabriek is niet de enige reden dat we u hier hebben uitgenodigd. Mijn resterende tijd op deze planeet loopt langzaam ten einde. ' Yettl had veel verwacht, maar dit zeker niet. Zijn hersenen werkten op hoge snelheid, maar hij kon geen verband ontdekken tussen deze oude man en hemzelf. De oude man vervolgde: 'Mijn naam is generaal Kental, heerser van het machtige leger van Almania en hoofd van de regering. En zoals een oud gebruik uit onze cultuur het voorschrijft, moet een mogelijke nieuwe leider zich bewijzen. Jullie zijn zorgvuldig geselecteerd en het enige wat mij nog rest is jullie veel succes te wensen.' Yettl wist niet wat hij hoorde, dit was een wending, die hem beangstigde, want een vechtersbaas was hij niet, legertactieken waren hem vreemd en leidinggeven kon hij alleen over zichzelf. Dus hoopte hij dat hij snel afgewezen zou worden en daarna verder zou kunnen gaan met zijn dagelijkse gang van zaken. Maar waarschijnlijk zou dat niet zo makkelijk gaan. En wat er nu ging gebeuren zou niet makkelijk zijn.
'En garde' schreeuwde generaal Kental door de arena, waardoor de gewapende mannen het tweede zwaard uit hun schede trokken. Yettl had in het moment van stilte wel even geteld hoeveel mannen de cirkel vormde. Het waren er 28, dus nu trokken al die mannen hun tweede zwaard en stonden hij en de Zadrak voor 56 zwaarden in de handen van mannen, die waarschijnlijk bedreven waren in het hanteren ervan. Yettl keek schichtig om zich heen om te zien of er een uitweg was of om te onderscheiden waar de eerste aanval vandaan zou komen. De Zadrak daarentegen bleef rustig op zijn plek staan, ademde diep in en leek daarmee zich diep te concentreren. De cirkel die ongeveer een doorsnede van 30 meter had, werd een strijdperk, tenminste dat was de verwachting van Yettl. In de seconden die volgenden, stapten de gewapende mannen stap voor stap in de richting van het midden van de cirkel, waardoor de bewegingsruimte snel kleiner werd. Yettl voelde de spanning in zijn lijf oplopen en daardoor zweette hij als een gek. En omdat dit in niks op een kroeggevecht leek, besloot hij om dicht bij de Zadrak te blijven en te hopen dat die tactiek hem zou helpen. Omdat de Zadrak roerloos bleef staan en de tegenstanders langzaam, stap voor stap, in zijn richting kwamen, zag Yettl ook de spanning in de ogen van de verschillende mannen die hem en de Zadrak tegemoet kwamen. Die spanning gaf hem wel iets meer moed. Toen de gewapende mannen op 6 keer een armlengte van hem en de Zabrak waren, hield de helft van de mannen stil en de andere helft stapte langzaam maar zeker door. Op 3 keer een armlengte stopte de helft van de helft die doorgingen ook. Dus er waren nu van de 28 tegenstanders 7 die de eerste aanval mochten plaatsen. Veertien zwaarden tegen twee ongewapende zakenmannen. Yettl had wel eens een eerlijker gevecht gezien. Bij de zeven mannen blonk ook een stukje onzekerheid in hun ogen, omdat ze op iets meer dan 2 armlengten van de Corelliaan en de Zadrak waren en deze twee ogenschijnlijk rustig op hun plek bleven staan en niet als een wilde op hen afstormden. Een van de gewapende mannen kon zich niet meer beheersen en snelde richting de Zadrak, zette om ruim een armlengte af om een sprong te wagen, maar de Zadrak dook omlaag en gaf een van zijn benen een zet, waardoor hij zijn balans verloor en hard op zijn rug belandde vlak voor Yettl, die meteen reageerde door op de pols van de aanvaller te gaan staan, waardoor de aanvaller zijn grip op het zwaard verloor en Yettl, die kon overnemen. De Zadrak had meteen het andere zwaard van de aanvaller te pakken en nam het in zijn rechterhand, waarmee hij precies op tijd een zwaardslag van een andere tegenstander kon pareren. Met een geconcentreerde blik riep de Zadrak tegen Yettl, dat ze rug aan rug moesten vechten. Yettl twijfelde geen moment en zorgde dat hij rug aan rug kwam te staan met de Zadrak. De aanvaller die zijn beide zwaarden was verloren aan Yettl en de Zadrak maakte zich snel uit de voeten uit het strijdgewoel. Hierdoor bleven op dit moment er zes actieve tegenstanders over, die door de snelle reacties van de Zadrak er niet in slaagden om hem of Yettl te raken. Met nadrukkelijke precisie wist de Zadrak een van de tegenstanders buiten bewustzijn te slaan door hem met zijn linker elleboog precies hard op de slaap te raken. De tegenstander viel als een slappe vaatdoek op de grond, waardoor Yettl een tweede zwaard kon oppakken en zichzelf beter kon verdedigen, want dat was het enige wat hem lukte, het pareren van de slagen. Van aanvallende beweging kwam niks terecht, toen hij het een keer probeerde om een tegenstander aan te vallen schampte er een ander zwaard meteen langs zijn gezicht en arm, waardoor hij terugschrok van pijn en zag dat zijn arm bloedde. Vanuit zijn ooghoek zag hij dat de Zadrak er opnieuw in geslaagd was om een tegenstander te ontwapenen. Bij de ontwapende tegenstander ontbraken alleen beide onderarmen, omdat het zwaard van de Zadrak daar doorheen gegaan waren. Schreeuwend van pijn lag de man in het zand. Maar het gaf de Zadrak geen moment rust, omdat de vier andere tegenstanders zich meer en meer gingen richten op de Zadrak. Yettl was blijkbaar een minder erge bedreiging en had 1 tegenstander met wie hij in een gevecht verwikkeld was, maar de Zadrak hield met groot gemak de drie tegenstanders bezig. Hij wist met minieme bewegingen de zwaardslagen te ontwijken of te pareren. Daarnaast schakelde hij er ook 1 uit, door een trap in de maagstreek te geven net, nadat hij een paar slagen van die tegenstander had afgeweerd. De tegenstander kromp ineen van pijn en lag te happen naar adem. De andere twee waren een klein moment afgeleid door de schreeuw, dat de Zadrak voordat ze het doorhad hun onderarmen ook onder de elleboog vandaan sloeg met het zwaard. Dus van de eerste zeven was alleen de tegenstander van Yettl nog over. Met een hoge sprong kwam de Zadrak achter de belager van Yettl terecht, die daar zo van schrok, dat Yettl voor het eerst een aanval kon uitvoeren, die lukte. Hij raakte zijn belager vol in de zij, waardoor het zwaard van Yettl tientallen centimeters het vlees in verdween. Yettl schrok hier zo van, dat hij het zwaard losliet en de man omviel met het zwaard in zijn lijf. Dit was wel het signaal voor de tweede lijn met aanvallers om in actie te komen. De Zadrak schreeuwde tegen Yettl, dat hij een zwaard van een van de anderen moest oppakken. De schreeuw van de Zadrak haalde Yettl uit zijn verstarde blik naar het verbijsterende beeld van de man met het zwaard in zijn lijf, dat hij net nog in zijn handen had gehad. En Yettl pakte vastberaden een ander zwaard, zodat hij weer twee zwaarden had waarmee hij kon vechten. De tactiek van de tweede lijn was anders dan de eerste aanvallers, ze legden druk op de Zadrak om hem en Yettl uiteen te drijven.
Zu was weer in zijn element om het op te nemen tegen een overmacht. De positie van underdog had hij graag om gebruik te kunnen maken van de overmoed van de tegenstanders. Het deed hem denken aan een trainingssessie die hij in de tempel had gehad tegen een groep gewapende droids, die op verdoven ingesteld waren en ook lichtzwaarden hanteerden. Alleen waren dat 5 droids en moest hij het hier met de Corelliaan opnemen tegen bijna dertig levende strijders, die hun wapens niet hadden ingesteld op verdoven, maar dodelijk.

2380 -12400
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

Drie dagen zat Damien al vast in zijn 'cocon', buiten het krachtveld dat hem weerhield om op onderzoek te gaan, was hij terecht gekomen in een grot, die uitgeslepen was door water en had hij geen levende ziel gezien. Gelukkig was hij in zijn rantsoen voorbereid op een lange tijd zonder concreet voedsel. Dus wat dat betreft zou hij het hier nog wel maanden kunnen uithouden. Maar hij was niet van plan om hier te wachten totdat ze hem kwamen halen of dat zijn rantsoenen zouden opraken. Wegkomen en de planeet ontdekken en voorbereiden voor de kolonisten, dat was zijn doel, dat en niets anders. Doordat er geen tastbare aanknopingspunten waren om hier weg te komen, was Damien het grootste deel van zijn tijd bezig met mediteren, om een te worden met de Kracht en daar de oplossing in te kunnen vinden. In de diepe meditatie had hij wel een beeld kunnen vormen van hoe de grotten er buiten zijn zicht uitzagen. En van de jungle boven hem, maar dat waren gemakkelijk waarneembare zaken. Technologie en zaken door wezens in elkaar gezet waren niet direct natuurlijk, waardoor het moeilijker was om er grip op te krijgen. Maar zijn basiskennis die hij in de Jedi tempel had opgedaan over de techniek van het optrekken van krachtvelden, was zijn enige houvast. Het enige probleem waar hij voor stond was dat hij niet wist waar de generator stond. Het enige wat hij kon ontdekken was het spectrum aan de bovenkant van het krachtveld, die voor de vorming van het krachtveld zorgde. Maar dat was alleen een verlengstuk van de generator en zover hij wist kon hij met behulp van de Kracht daar niks aan veranderen. Dus moest hij op zoek naar een andere oplossing. Het eerste wat hij probeerde was met een groot stuk rotsblok van wel een paar ton om te proberen het krachtveld door overbelasting uit te schakelen. Alleen zou dit wel opperste concentratie vergen, omdat hij eerst het rotsblok moest optillen, daarna rustig verplaatsen, op een tactisch punt van het krachtveld laten zakken en dan de grip langzaam los moeten laten. Dat was in principe redelijk standaard, maar op het moment dat de zwaartekracht op het krachtveld zou drukken en het veld zou bezwijken, zou hij binnen een seconde weer grip moeten hebben op het rotsblok. Daarom nam hij er ruim te tijd voor om zich volledig voor te bereiden. Het kostte hem anderhalf uur om moed te verzamelen deze stunt uit te halen. In volledige concentratie bracht hij het rotsblok omhoog en langzaam maar zeker verplaatste hij het naar het krachtveld. Damien was tevreden over de grip die hij had op het blok en liet het rustig zakken op het veld. De kleuren van het veld verschoten toen het gewicht van het rotsblok meer en meer op het veld neer kwam. Ook begon het zoemen van het veld harder te klinken en toen Damien de helft van het gewicht op het krachtveld had liggen hoorde hij in de verte een hoop geknisper en gekraak en voelde hij aan het rotsblok dat het krachtveld het begon te begeven. Vanuit 1 van de gangen van de grot kwam ineens rook tevoorschijn. Damien wist dat daar de generator zou moeten staan en dat het systeem over verhit aan het raken was. Daarom dwong hij zichzelf om zijn concentratie vast te houden en juist op dat moment begaf het krachtveld het en viel het rotsblok anderhalve meter naar beneden. Damien gaf duw met de Kracht tegen het rotsblok om te zorgen dat hij en zijn schip niet eronder bedolven zouden worden. En vlak voor het rotsblok de grond zou raken, had hij de volledige grip weer terug en legde het rotsblok voorzichtig neer. Op dat moment sprong Damien op in de richting van het dak van zijn schip. Zodra hij daar stond activeerde hij zijn lichtzwaard en sprong hij richting het spectrum om te voorkomen dat als de generator weer voldoende afgekoeld was, dat het krachtveld weer geactiveerd kon worden. Met een flinke uithaal hakte hij het spectrum in twee delen, waardoor dit krachtveld niet langer hem gevangen zou houden. Het voelde als een enorme opluchting dat hij nu weer vrij was en zijn missie kon volbrengen. Hij hoopte dat hij op een redelijke manier contact zou kunnen leggen met de inheemse bevolking, om de komst van de kolonisten zo snel mogelijk te laten plaatsvinden. Nu was het tijd om een uitweg uit dit stelsel van grotten te vinden. Het liefst met zijn schip, om te zorgen dat hij mobiel bleef om de hele planeet te kunnen verkennen en in kaart te brengen. Maar het was te risicovol om meteen in zijn schip te stappen en op gevoel uit deze grot te vliegen. Daarom besloot hij eerst te voet door deze vochtige grotten een uitweg te vinden, die hij later met zijn schip nogmaals kon doen. Hij nam klimgereedschap en een overlevingsrantsoen mee, omdat het best mogelijk was dat hij voor klimpartijen of afdalingen zou kunnen te komen staan, die dat nodig hadden. Ook was het niet ondenkbaar dat hij zou kunnen verdwalen in de wirwar van spelonken. De eerste spelonk die hij inging was degene waar hij de rook van de generator vandaan had zien komen. Dat was gemakkelijk doordat hij de kabels die vanaf het spectrum terugliepen naar de generator kon volgen. Op het moment dat hij de kabels een hoek om zag gaan en zelf die hoek om wilde gaan, voelde hij een tikje van de kracht waardoor hij even inhield en haast automatisch zijn lichtzwaard activeerde. Op dat moment flitste er een schot uit een straalpistool voorbij en kort daarop volgde er nog twee vanuit een andere richting. Van achter hem kwamen ook ineens twee schoten, die hij kon pareren met zijn lichtzwaard. Gelukkig kon hij gebruik maken van de beperkte ruimte in de spelonk, omdat de gepareerde laserstralen met een flipperkasteffect terug naar de afzender gingen. Doordat hij ook van achter bedreigd werd, besloot hij toch de hoek om te gaan en de aanvallers daar te lijf te gaan. Eenmaal de hoek om zag hij zijn drie tegenstanders, beveiligingdroids die zich op hadden gesteld om de generator voor het krachtveld te beschermen. Dit type droid was vergelijkbaar met de trainingsdroids die hij vaak genoeg had bevochten in het trainingscentrum van de Jedi tempel. Daarom koste het hem ook weinig moeite om deze uit te schakelen. Twee droids werden door hun eigen laserstralen uitgeschakeld en de derde kwam op een niet echt prettige manier in aanraking met het lichtzwaard van Damien. Nu kon hij de generator van het krachtveld volledig uitschakelen en deed dat door zijn lichtzwaard van de bovenkant van de generator door te laten dringen in de kern van het apparaat. Hiermee smolt hij de krachtige kern van de generator tot een onbruikbare klomp metaal, zodat de schroothoop de enige laatste bestemming kon zijn. Maar op het moment dat hij zijn lichtzwaard in de generator liet zakken, kwamen de twee belagers die hem uit de rug hadden aangevallen in zicht. De twee mensen aarzelden niet en begonnen met in iedere hand een laserpistool salvo's lasers op Damien af te schieten. Damien trok daarom zijn lichtzwaard uit de generator en pareerde de lasers. Hij liet zich leiden door de Kracht en daardoor zorgde hij ervoor dat de lasers de belagers alleen maar verwondden en niet doodde. De eerste die hij uitschakelde werd door een schampschot bij zijn slaap geveld en verloor door de klap zijn bewustzijn. De andere werd geraakt in zijn been en zijn beide armen waardoor hij het uitschreeuwde van de pijn. Damien ontwapende beide belagers en controleerde of er nog meer in aantocht waren. Dit was op het eerste gezicht niet het geval en daarom keerde hij terug naar de gewonde belager, die inmiddels gestopt was met schreeuwen. Damien zag dat zijn belagers jonge mannelijke mensen waren, die zoals hij inschatte net de 20 waren gepasseerd. Gelukkig was de ene man wel aanspreekbaar, waardoor Damien zich tot hem richtte. Veel vragen zongen rond in zijn gedachten, maar hij moest zijn rust bewaren en zorgen dat hij de juiste informatie zou krijgen, om zijn doel te kunnen bereiken. Hij besloot om de druk op de man hoog te houden zijn lichtzwaard niet uit te schakelen, maar in het schijnsel van zijn wapen hem te ondervragen. 'Wat is de juiste route voor mijn schip om uit dit grottenstelsel te komen?' vroeg Damien en hoopte dat de man Basic zou verstaan. De man leek diep onder de indruk van het lichtzwaard van Damien, waardoor hij eigenlijk meteen antwoorde. 'Dat kan ik niet zo 1, 2, 3 uitleggen ben ik bang.' Daarop besloot Damien te zorgen dat ze samen naar zijn schip zouden gaan. Hij gebruikte wat van de kabel van zijn klim gereedschap om de andere jongeman vast te binden en zo te zorgen dat hij niet een onnodig gevaar vormde. De comlink van de bewusteloze jongeman stak hij bij zich, om te zorgen dat hij kon beschikken over de frequentie van deze mensen en in bepaalde gevallen contact zou kunnen opnemen met hen. 'Ik ben Damien, ben een lid van de Jedi Orde en ik kom hier in vrede.' Damien wilde zijn intenties meteen duidelijk maken, ook al had deze jongeman waarschijnlijk geen tot weinig invloed op deze planeet. De jongeman stelde zich voor als Ward en sprak zijn bewondering uit voor zijn gevechtstechniek. Op de vraag of Ward hem zou willen helpen om uit deze grotten te komen en hem te helpen om in contact te komen met de personen met invloed op deze planeet reageerde hij in eerste instantie negatief, maar na een dreigement dat hij net zoals zijn collega achter gelaten zou worden, was hij snel overstag. Ondanks zijn verwondingen kon Ward zelf teruglopen naar het schip van Damien. Eenmaal bij het schip aangekomen leek Ward zeker van zijn zaak, om Damien te helpen waar hij naar gevraagd had. Dus binnen enkele minuten wisten ze op een gemakkelijke wijze de grotten te verlaten en kon Damien voor het eerst sinds dagen weer genieten van daglicht in plaats van het schijnsel van gloeistaven, die in de grot gemonteerd waren. Omdat hij voor het eerst sinds dagen weer de mogelijkheid had om een signaal te sturen naar Coruscant, liet hij een voorgeprogrammeerde boodschap verzenden, die aangaf dat hij het oppervlak van de planeet had bereikt en het eerste contact met de inheemse bevolking had gelegd. Damien vond het nog niet nodig om mensen op Coruscant enigszins te alarmeren.

Het positieve bericht van Damien gericht aan de Uitbreidingsraad werd positief ontvangen, omdat er al verschillende mislukte pogingen waren gerapporteerd op vergelijkbare werelden in de afgelopen dagen. Dit gaf de Rodian Gando de gelegenheid om als hoofd van de eerste groep kolonisten aan de slag te gaan. Het zou hem ongeveer op zijn minst anderhalf jaar kosten tot aan het definitieve vertrek van Coruscant. De centrale computer van het schip van Damien had naast de boodschap ook verschillende parameters doorgegeven van de samenstelling van de elementen die op Planeet KP7342, zoals de planeet bekend stond in de registers van de Uitbreidingsraad. Deze samenstelling gaf aan welke soorten goed op deze planeet zouden kunnen leven en voor welke wezens deze planeet minder geschikt waren. De lijst met potentiele kolonisten kwam meteen uit het systeem rollen en het werd dus tijd voor Gando om zijn staf samen te gaan stellen. Verschillende functies zou hij nodig hebben, ten eerste natuurlijk een bemanning voor de kolonisatieschepen, die ook tot de kolonisten zouden behoren om betrokkenheid te vergroten. Het project zou 25.000 kolonisten bevatten, die verdeeld zouden worden over 3 schepen. 4.000 van de kolonisten zouden opgeleid worden als soldaat, om de nieuwe kolonie in het geval van problemen met de inheemse bevolking te kunnen beschermen. Het opleidings- en trainingcentrum bood plaats voor zeker 10.000 recruten en was op het moment gevuld met 3.500 recruiten voor een ander kolonisatieproject. Gando was in zijn nopjes, want dit was de kans waar hij al 3,5 jaar op gewacht had, sinds hij in dienst was gekomen van de autoriteiten die de verantwoordelijkheid hadden voor het koloniseren van nieuwe werelden. De eerste blik op de 500 hoogopgeleide mogelijke kolonisten gaf hem een goed gevoel, omdat het niveau en de ervaring van deze mensen beter was, dan hij ooit had gedacht.
Met een map vol met profielen van de mogelijke kapiteins, stapte hij de zaal binnen en hij zag ze stuk voor stuk zitten. Van de 13 mannen en 2 vrouwen die hier zaten zou hij er 3 selecteren als hoofden van de kolonisatieschepen. Deze 3 personen waren in zijn ogen de belangrijkste van het hele programma. Hij moest ze volledig kunnen vertrouwen, ze moesten gekwalificeerd zijn om leiding te geven aan duizenden. Daarom had hij een wat onconventionele manier van selectie bedacht. Ze moesten in drie groepen van 5 een casus uitwerken, hoe ze als crew van een van de kolonisatieschepen 1 van de andere schepen te hulp zouden schieten als deze na de landing bestormd zou worden door een primitieve groep inboorlingen. De kandidaten leken niet onder de indruk van de casus, maar dat zou nog komen. De casus zou langzaam uit de hand lopen en erop uitdraaien dat alle kolonisten gevangen genomen zouden worden en ze vanuit die positie moesten ontsnappen en zonder middelen een uitvalsbasis zouden moeten opzetten en daarmee hun kwaliteiten laten zien. De groepen had hij zo ingedeeld dat uit alle drie de groepen hij 1 kapitein zou kiezen, waarmee hij zijn kernteam samengesteld had. De casus liep voor 1 groep desastreus en van de 7.000 kolonisten die ze onder hun hoede hadden, wisten maar 250 het te overleven en 3 van de 5 kandidaten overleefde het in de simulatie ook niet. Wel had hij bij 1 van de kandidaten gezien wat hij hoopte en voegde hij een menselijk vrouw met de naam Yanne toe als kapitein van 1 van de schepen toe aan zijn staf. De overige twee groepen slaagden er wel in om de casus tot een goed eind te brengen. En de twee andere kapiteins waren beide mannelijke mensen, die begin veertig waren. Greg was degene met het meeste potentieel in leidinggeven, maar Tudor wist vanuit een opvallend menselijke kant de juiste beslissingen te nemen. Gando was tevreden met de eerste leden van de groep met kolonisten van Planeet KP7342.

2391 - 14791
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

De tweede lijn met aanvallers, werden met eenzelfde gemak uitgeschakeld door Zu en Yettl. De eenmaal verslagen tegenstanders hadden waarschijnlijk de instructie of het was hun eer te buiten om zich erna terug te trekken en het strijdperk te verlaten. Zu was erin geslaagd om geen tegenstander dodelijk te verwonden en toen hij zag dat de geslagenen zich terugtrokken van het strijdperk, moedigde het hem nog meer aan om de gewapende mannen te verslaan, maar niet te verminken of dodelijk te raken. Yettl had daar geen boodschap aan en was vooral bezig met overleven, na de dodelijke slag bij de eerste groep aanvallers, had hij nog 2 tegenstanders dodelijk geraakt. De eerste had hij zelfs onthoofd, al was het bij toeval dat de tegenstander als het ware tegen zijn zwaard was aangelopen, de andere had hij in zijn romp doorboord. De derde groep was twee keer zo groot en was een grotere uitdaging, omdat er niet 7 tegenstanders waren, maar omdat het er 14 waren. Wel gezegd, de laatste veertien. Maar Zu voelde in de Kracht dat er vooral angst was bij deze mannen, zeker omdat ze gezien hadden hoe de eerste twee groepen zonder enige moeite aan de kant gezet waren. Zu moest wel oppassen dat hij niet teveel als een echt Jedi zou vechten, om zijn dekmantel richting de Corelliaan niet te verliezen. Als dat zou gebeuren, faalde zijn missie en kon hij op dit moment het Jedi ridderschap vergeten. Een tijd van bezinning zou volgen en wellicht een tijd in het Jedi Service Korps, om daarna opnieuw alle tests te ondergaan. Met dat vooruitzicht was Zu nog meer gemotiveerd om deze missie tot een goed einde te brengen. Daardoor liet hij zijn techniek wat meer los en begon op een ruwere manier zijn tegenstanders uit te dagen en te lijf te gaan. Zijn doel om hen te ontwapenen kreeg duidelijker vorm, omdat hij wilde dat dit gevecht zo snel mogelijk was afgelopen. Omdat ontwapenen zijn nieuwe doel was, ging hij de tegenstander frontaal te lijf, zodat hij het best in het bereik van de zwaarden van de tegenstanders kon komen. De innerlijke rust liet hij ook wat varen om de Corelliaan meer het gevoel te geven dat hij een brute vechtersbaas was en begon meer en meer te grommen en te schreeuwen op het moment dat hij een tegenstander te lijf ging. Het had ook nog een functie, omdat het zijn tegenstanders zou intimideren en lichtelijk deed verkrampen in hun verdediging. Als Jedi was hem geleerd om rust te bewaren en emoties niet de overhand te laten krijgen. Maar het vechten op deze manier gaf hem op een bepaalde manier een soort vrijheid. Een vrijheid die vreemd aanvoelde, het leek hem te roepen en er zat een soort aantrekkingskracht in. Terwijl hij inmiddels weer drie tegenstanders had uitgeschakeld, begon hij meer en meer zijn natuurlijke manier van vechten te omarmen. Vreemd genoeg gaf het hem een gevoel van voldoening en kracht, alsof door het onderdrukken van de emotie hij ook een stukje kracht onderdrukte. Het koste hem moeite om de emotie wat vrij te laten om een primitieve indruk op de Corelliaan achter te laten. Daarom besloot hij met maar 1 zwaard verder te vechten en zijn andere hand te gebruiken om klappen mee uit te delen. Het had ook zijn effect, omdat hij een tegenstander vol op de neus raakte met zijn vuist, waardoor hij zijn bewustzijn verloor en was uitgeschakeld. Maar omdat hij zo gefocussed was op het inschakelen van zijn emotie en het primitief overkomen op de Corelliaan, was het hem ontgaan dat drie tegenstanders hem in het nauw aan het drijven waren en dat de Corelliaan leek te capituleren. Omdat de aandacht van de Corelliaan volledig bij zijn tegenstanders was, kon hij de drie tegenstanders die hem belaagden, met een grote duw van de Kracht uit zijn buurt werpen en de drie gewapende mannen vlogen door de lucht en namen nog twee anderen mee. Deze actie was bij de menigte niet onopgemerkt gebleven en een groot gejuich steeg op. Iets waar Zu ook rekening mee had moeten houden, want dat gejuich zou de Corelliaan niet ontgaan, maar de eerste zorg was nu het uitvoeren van zijn missie en dat was het in leven houden van die Corelliaan. Want als hij zou sterven en niet zou weten wie hij werkelijk was, was zijn missie en dus zijn test niet geslaagd. Nu hij even zijn handen vrij had van tegenstanders, kon hij de drie belagers van de Corelliaan van achteren met een vuistslag verassen en op een woeste manier deze drie uitschakelen. De blik in de ogen van de Corelliaan was een mengeling van opluchting en angst, toen hij het woeste gezicht van Zu zag op het moment dat hij werd bevrijd uit zijn benauwde situatie. Door het uitschakelen van deze drie tegenstanders, waren er nog maar 2 tegenstanders over. Met een brul van jewelste stormde Zu op hen af en ging ze te lijf als een wilde. Hij wilde wel eens voelen hoe het was op vanuit een primitieve overlevingsdrang te vechten en hij had bij deze tegenstanders niet de hulp van de Kracht nodig. En om het voor hem nog uitdagender te maken, gooide hij zijn zwaard weg en stormde zonder wapen in de richting van de twee. De twee keken elkaar aan en stapten van elkaar weg, om hun kansen te vergroten, omdat Zu dan zijn aandacht moest verdelen tussen beide. De eerste deed een uitval met beide zwaarden door de lucht flitsend. Zu herkende hier de jar'kai techniek in en wist dat de zwakte lag in het gebrek aan aandacht voor randzaken. Met opzet liet Zu de tegenstander dichterbij komen, de slagen van de beide zwaarden ontwijkend. Op het moment dat de tegenstander opsprong om Zu vanuit de lucht te lijf te gaan, verzwakte de focus op zijn zwaarden voor een klein moment, waardoor Zu met een geplaatste trap in de zij van zijn belager, hem door de lucht zag duikelen. Hij zorgde ervoor dat voor de belager de grond raakte, hij hem nogmaals hard in de maagstreek raakte, waardoor hij de grip op zijn zwaarden verloor en was uitgeschakeld. De manier waarop Zu hem had uitgeschakeld zorgde ervoor dat de laatste tegenstander hem vol woede te lijf ging. Springend en voor het oog bijna dansend wist Zu de zwaard slagen te ontwijken en koos zorgvuldig de richting waarheen hij de slagen ontweek. Met een geplaatste trap wist hij ervoor te zorgen dat zijn belager 1 zwaard verloor en dat gaf hem de opening om de aanval te kiezen en nu op zijn beurt de belager achteruit te dwingen. Binnen een paar slagen was de belager ontwapend en maakte Zu met een rake kopstoot een einde aan dit gevecht. Precies op het moment dat de laatste belager het zand raakte, schalde de stem van generaal Kental weer door de arena: 'Jullie zijn waardige vechters, nieuwelingen. Maar om jullie verder uit te dagen, heb ik de beste strijder voor het laatst bewaard.' Nog voor de generaal uitgesproken was, betrad een Nautolaan ook gewapend met twee zwaarden, zoals de eerdere tegenstanders, de arena. Waarschijnlijk was deze tegenstander inderdaad van een ander kaliber. Daarom keek Zu de Corelliaan aan en zei: 'Laat mij deze vechtersbaas maar bevechten.' Yettl kreeg niet de kans om te reageren, maar was blij dat de Zadrak met dit voorstel kwam. Alhoewel hij het gevoel had dat hij zich kranig geweerd had, wist hij zeker dat hij als hij op zoek was naar een lijfwacht, dat hij een Zadrak zou vinden. Voordat hij deze Zadrak had ontmoet had hij alleen van hun bestaan geweten door de verhalen die hij in de kroegen op verschillende werelden had gehoord. Maar de verhalen over de vechtkwaliteiten waren niet opgeblazen, omdat hij nu met eigen ogen had gezien hoe bruut en sterk deze wezens waren. Om de Nautolaan en de Zadrak ruimte te geven stapte Yettl voorzichtig achteruit, maar hield voor de zekerheid de twee zwaarden die hij vast had vast. De Zadrak had ook weer een zwaard opgepakt, maar het verbaasde Yettl dat hij er geen twee oppakte, want de Nautolaan had er wel twee. Yettl zag hoe de twee afwachtend op elkaar afliepen en op iets meer dan een armlengte rondom elkaar heen draaide afwachtend wie er de eerste slag zou uitdelen. De Nautolaan kon zich niet langer beheersen en opende met een snelle combinatie van slagen met zijn beide zwaarden. Tot de verbazing van Yettl, wist de Zadrak ogenschijnlijk gemakkelijk de slagen te pareren en te ontwijken. Maar de Nautolaan was niet van zijn stuk te brengen en viel in hoge snelheid opnieuw aan en dreef de Zadrak achteruit in de richting van Yettl, waardoor Yettl van schrik een aantal stappen achteruit deed, maar voordat ze ook maar iets in de buurt kwam, beantwoorde de Zadrak de slagenwisselingen van de Nautolaan, met goed geplaatste aanvallen, die de Nautolaan met moeite met beide zwaarden kon pareren. Waardoor nu de Nautolaan weer achteruit gedreven werd. Maar het was een open strijd waarin de beide vechters in de ogen van Yettl goed aan elkaar gewaagd waren. Hierdoor bekroop hem het angstige gevoel dat hij de Nautolaan eventueel zou moeten bevechten als de Zadrak er niet in slaagde hem uit te schakelen. Maar dat moment was nog niet aangebroken en kon Yettl niet anders doen dan hopen dat de Zadrak zou winnen en dat dit vechten eindelijk klaar zou zijn.
Zu was onder de indruk van de kwaliteiten van de Nautolaan, maar wist dat dit puur kon door de vele training en ervaring in een arena. Maar hij wist dat het de Nautolaan ontbrak aan een binding met de Kracht en vanaf het eerste moment dat de Nautolaan had aangevallen, had hij gezien waar de zwakke plekken in de gevechtstechniek van de Nautolaan lagen. Maar om het gevecht langer te laten duren en spannend te laten lijken, had hij ruimte gegeven voor de aanvallen, zodat de Nautolaan ook het gevoel had dat hier wat te halen valt. De speldenprikjes die hij had uitgedeeld werden precies op de manier beantwoord, zoals hij verwacht had. Zu zag dit maar als een mooie trainingspartij met een wapen dat hij niet goed kende, maar eventueel in de toekomst nog een keer zou kunnen gebruiken. Hij was onder de indruk van de precisie die het wapen had, dat het bijna het lichtzwaard benaderde. Zo ging het gevecht nog minuten door en draaiden de twee rondom elkaar, elkaars uitvallen ontwijkend en parerend. Zu besloot op een gegeven moment om te zorgen dat hij de Nautolaan ook wel eens met 1 zwaard zou willen zien vechten, dus verlegde hij de druk van zijn uitvallen iets meer naar de zwakke plek, waardoor binnen enkele seconden het zwaard uit de linkerhand van de Nautolaan door de arena vloog en het een gevecht werd van zwaard tegen zwaard. De Nautolaan schakelde naadloos over naar een andere techniek, hij verliet de onderhandse techniek en ging over op een techniek die Zu kende als Vorm II, een elegante vorm, waarbij het voetenwerk een belangrijke rol speelde. Maar Zu vond dat het gevecht wel lang genoeg duurde en schakelde vanuit zijn verdedigende techniek over op de aanval en de Nautolaan wist niet wat hem overkwam. De eerste drie slagen wist hij te pareren, maar de vierde slag scheidden zijn rechterhand van zijn pols en zo eindigde het gevecht. Tenminste dat was wat Zu gedacht had. Maar de stem van generaal Kental galmde door de arena: 'Maak hem af, iets anders verdiend hij niet.'
De menigte beantwoorde het bevel van de generaal met gejuich. Zu wist niet wat hij aanmoest met dit bevel, want het was in strijd met wat hem geleerd was. Het onnodig bloed vergieten moest ten alle tijden voorkomen worden. Maar het volbrengen van zijn missie was misschien nog wel belangrijker. Daarom wenkte hij de Nautolaan zijn hoofd te buigen en op het moment dat de Nautolaan dat deed, hief hij zijn zwaard de lucht in. Op het hoogste punt hield hij zijn zwaard even stil. En hij hoorde dat het gejuich verstomde en de stilte langzaam terrein won in de arena. Twijfel gierde er door Zu heen, zou hij meedoen aan deze barbaarse en primitieve vorm van vermaak en onnodig bloed vergieten. Zou het weigeren van dit bevel hem de kop kosten, wat zijn missie in gevaar bracht. Hij wist hoe langer hij wachtte hoe moeilijker het zou worden. Dus besloot hij het snel en pijnloos te doen. Zijn zwaard viel als een guillotine naar beneden en doorkliefde de tentakels op het achterhoofd van de Nautolaan en de nek ook in een vloeiende slag. Op het moment dat het hoofd van de Nautolaan het zand raakte, zwoel het juich weer op en werd de stilte weer uit de arena verdreven. Op het gezicht van generaal Kental verschijn een glimlach en Yettl keek opgelucht naar Zu. Alleen het was alsof een zwaard zijn hart doorkliefde, alsof hij op een of andere manier afstand gedaan had van een principe dat onderdeel van hem was. Vreemd genoeg voelde het als een stuk vrijheid, galmde er met een rustige stem in zijn hoofd: 'Voel je vrij, toon je emoties.' Een stem die Zu niet herkende en niet wist wat hij ermee aan moest. Maar het was onder andere die stem die hem er toe dreef om het als een wilde uit te schreeuwen. De menigte reageerde uitgelaten op de schreeuw en Zu voelde de adrenaline door zijn aderen stromen, die loskwam na de erkenning door de menigte. Het voelde vreemd, maar op een of andere manier toch ook vertrouwd.

2270 - 17061
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

Ward legde aan Damien uit waarom hij in quarantaine geplaatst was, Almania was een beschaving, die vooral op zichzelf gericht was en daarom iedere indringer buiten zou proberen te houden. Daarom was het standaard om de indringers op een afgelegen plaats af te zonderen. Onafhankelijk het doel van hun bezoek. Damien vroeg zichzelf af waarom Ward deze informatie meteen blootlegde. 'Wat gebeurt er met beveiligers die hun 'gevangene' laten gaan?' Dat was een logische vraag om achter de waarheid te komen. Het antwoord van Ward bevestigde het vermoeden van Damien: 'Die zijn eigenlijk ten dode opgeschreven. Dat was ook de reden dat we meteen op je begonnen te schieten. Ik en mijn maat zijn nu een schande voor onze familie. Reken maar dat ze al doorhebben dat je uit de grot bent ontsnapt.' Deze missie rolde voor Damien van de ene uitdaging in de andere. 'Denk je dat je maat al gevonden is door anderen?' Damien wilde op deze manier polshoogte krijgen van de reactiesnelheid van de mensen op deze planeet. 'Nee, dat duurt meestal wel een halve dag, omdat we vlak voordat we ontdekten dat je het krachtveld doorbroken hadden nog het signaal "area veilig" hadden doorgestuurd. En de frequentie daarvoor is iedere 12 uur.' Daarop besloot Damien om terug te keren naar de spelonk waar hij gevangen gezet was. Tegenover Ward legde hij uit, dat hij zijn maat wilde ophalen en dat hij een manier zou zoeken om de ereschuld die er ontstaan was door zijn ontsnappen zou goedmaken. Het schip manoeuvreerde op de automatische piloot terug naar de plek waar hij vandaan kwam. Zonder enige moeite lukte het Damien om de maat van Ward weer te vinden. De jongeman was inmiddels bijgekomen en had tevergeefs moeite gedaan om los te komen. Bij het zien van Damien schrok hij duidelijk, maar Damien legde hem uit dat hij hem geen kwaad zou doen en dat hij hem naar Ward zou brengen. Het stelde hem zichtbaar gerust dat hij de naam van zijn maat op een rustige manier noemde. Damien legde hem uit dat hij hem in zijn schip zou losmaken en daar verder zou uitleggen wat hij van plan was. Damien was opgelucht dat de jongeman wilde meewerken en zonder problemen mee gedragen werd naar het schip. In het schip aangekomen waren beide mannen blij om elkaar te zien, want ze wisten dat ze lotgenoten zouden zijn. Damien inventariseerde eerst bij de mannen hoe de rapportage structuur van de beveiliging in elkaar zat en hoe de planeetverdediging in elkaar stak op het moment dat een schip zou proberen om de planeet te verlaten. De mannen legden de rapportagestructuur kort maar krachtig uit en vertelde dat de focus bij de planeetverdediging niet gericht was op het verlaten van de planeet, omdat de verdediging ten opzichte binnenkomende schepen goed genoeg was om een eventuele grote invasie te kunnen weerstaan. Damien gebruikte de tijd die resteerde voordat eventuele gealarmeerde soldaten deze locatie zouden onderzoeken om zoveel mogelijk informatie los te krijgen uit Ward en zijn maat. Opvallend genoeg vertelden ze alles wat hij vroeg, maar op een geven moment vroeg Ward aan Damien hoe hij de ereschuld zou goedmaken. Damien legde uit dat hij alles wat hij nodig had op een veilige plek in de jungle zou droppen en dat hij daarna ze samen met zijn astromechdroid terug de ruimte in zou sturen. Ook zou hij de hyperspacesprongen die ze moesten maken om op Coruscant terecht te komen instellen, zodat ze dan op een veilige manier hier weg zouden komen en een nieuw bestaan konden bouwen, nadat ze een boodschap die Damien in een holocron zou verbergen afgeleverd hadden bij de Uitbreidingsraad op Coruscant. Beide mannen moesten even aan het idee wennen, maar konden zich er goed in vinden. Het was een betere optie, dan de schande die ze zouden dragen op deze planeet. Daarom hielpen ze Damien aan de informatie die hij nodig zou hebben om het te overleven in de jungles van deze planeet. Ook namen ze de complete geografie door en hoe in grote lijnen de regering structuur eruit zag en nog verdere zaken die van belang konden zijn in de missie. Ook werd er zorgvuldig een plaats gekozen om als schuilplaats te gebruiken, waar ze de belangrijke spullen neer zouden leggen. Daarna werd het tijd om de schuilplaats op te gaan zoeken. Damien nestelde zich achter het besturing van het schip en vloog de spelonk uit. Hij had de astromech droid de opdracht gegeven om meer vermogen richting de scanners te sturen, om ieder schip in een nog grotere omtrek te kunnen ontdekken. Maar gelukkig bleef het stil. Ze vlogen een half uur in oostelijke richting net boven het bladerdak van de jungle om de kans op ontdekking zo laag mogelijk te houden. De jungle waar ze over vlogen was de grootste van de hele planeet vertelde Ward tijdens de vlucht. Hij vertelde dat hij aan het rand van deze jungle was opgegroeid en dat hij vaak er te vinden was om zich terug te trekken en te genieten van de natuur. Zijn ouders waren vaak genoeg ongerust geweest, omdat hij dagen achtereen weg bleef. Daardoor kende hij een deel van deze jungle ook op zijn duimpje. Hij had ook de plek van de schuilplaats aangebracht en uitgelegd welke dieren er gevaarlijk waren en welke niet. De maat van Ward hield zich meer op de achtergrond, hij had zich aan Damien voorgesteld als Jagur en was vooral geinteresseerd in de technologie aan boord van het schip van de Jedi. Waarschijnlijk had hij nog zware hoofdpijn van de klap die hem knock out had geslagen, dus had Damien hem aangeraden een aantal Bacta pleisters op de wond op zijn slaap te doen, maar tot nu toe had hij het advies nog niet opgevolgd. Damien hoopte dat de mannen hun belofte zouden nakomen en zich bij de Uitbreidingsraad zouden melden. Want hij zou wel eens voor een langere tijd uitgesloten zijn van contact met Coruscant, nu hij zijn schip moest opofferen om deze missie uberhaupt tot een succes te laten zijn. De suggestie voor de schuilplaats van Ward was inderdaad zoals hij hem beschreven had. In de luwte van een berghelling was een kleine grot, die afgeschermd werd door verschillende hangplanten. Als je niet van het bestaan van deze grot afwist, zou je er gegarandeerd voorbij lopen of vliegen. Terwijl Ward en Jagur de spullen van Damien verplaatsten van het schip naar de schuilplaats, nam Damien de tijd om zijn boodschap voor de Uitbreidinigsraad op te nemen. De boodschap liet hij in een holocron verbergen door zijn astromech droid en gaf deze aan Ward met de opdracht deze aan de Uitbreidingsraad op Coruscant af te leveren. Ondertussen waren alle spullen in de schuilplaats neergezet en nam Damien de beide mannen mee het schip in om in vogelvlucht te vertellen wat ze moesten doen. Maar in principe zou de astromech droid de hele reis verzorgen. Met gespannen gezichten werd er afscheid genomen en stapte Ward en Jagur in het schip en zag Damien de loopplank zich sluiten, luttele seconden later werden de sub-licht motoren gestart en steeg het schip op en verdween aan de horizon. 'Moge de Kracht met jullie zijn.' fluisterde Damien hen toe.

Het gejuich van de menigte was bij Zu Nalek nog lang in zijn hoofd blijven rondspoken. Na het gevecht werden hij en de Corelliaan gehuldigd als winnaars en gaf generaal Kental publiekelijk te kennen dat ze een goede indruk maakten en in ieder geval de krijgersmentaliteit voor een goed leider in zich hadden. Vreemd genoeg werden Zu en de Corelliaan terug naar hun verblijven gebracht door de gids alsof het onderdeel was geweest van de rondleiding en er geen enkel gevecht was geweest. Alleen aan de Corelliaan was te merken dat ze gestreden hadden op leven en op dood. Door de spanning en adrenaline stond zijn mond geen moment stil, vooral vragen over wie Zu nu werkelijk was en waar hij zo had leren vechten, kwamen over de lippen van de Corelliaan. Zu legde de Corelliaan uit dat hij op zijn thuisplaneet verschillende volwassenheid tests had moeten afnemen, die hem de kunst van het vechten bijgebracht hadden. Zu wist dat op de planeet waar hij was geboren dat in de cultuur verzonken zat en kon hij van die kennis gemakkelijk gebruik maken om zijn ware identiteit te verbergen. Naast de vragen aan Zu bleef de Corelliaan ratelen en beleefden ze het hele gevecht weer opnieuw, alleen dan vanuit het oogpunt van de Corelliaan. Af en toe leek het wel een klein kind die voor het eerst had meegedaan een bokstoernooi en een wedstrijdje had gewonnen. Daarom was Zu ook blij toen hij zag dat ze bij hun verblijf aangekomen waren. De gids had de mededeling dat ze die avond verwacht werden om samen met generaal Kental te eten en verder kennis te maken. Dit gaf Zu en de Corelliaan ongeveer 3 uur om zich daarvoor klaar te maken en ook bij te komen van het gevecht. Zu was opgelucht toen hij de deur hoorde dicht glijden, zodat hij even alleen was en alles op een rijtje te zetten. Hij besloot om zijn ervaringen in zijn persoonlijk dagboek in te spreken, wie weet mocht het hem nog eens van pas komen. De zaken die hij daarin naar voren bracht, waren de gevechtstijl van de 28 en de stijl van de Nautolaan. Vooral in de details vielen veel lessen te leren, niet alleen over de personen maar ook over de cultuur waarin ze waren grootgebracht. Daardoor kon Zu eigenlijk wel met zekerheid zeggen dat de Nautolaan niet op deze planeet was grootgebracht. En de 28 waren waarschijnlijk door dezelfde meester getraind, omdat ze allemaal in dezelfde valkuil leken te trappen. Zu ging zo op in het beschrijven van deze zaken dat hij de vreemde gevoelens die hij gevoeld had tijdens het gevecht en vooral tijdens het afmaken van de Nautolaan wat weg leek te drukken, hij ging ze uit de weg, waardoor hij ze eigenlijk leek te accepteren. In eerdere missies zou hij op momenten als deze door zijn meester tot de orde geroepen zijn en zouden ze samen de momenten waarop dit soort gevoelens de kop op staken, helemaal onderste boven en binnenste buiten zouden keren. Maar nu hij zelf de leiding van de missie in handen had, had hij ervoor gekozen om zijn eigen manier van benaderen te gebruiken. Iets wat een beetje te vergelijken was met een kind dat zich afzet tegen zijn ouders en naar zijn eigen manier aan het zoeken was. Naast het beschrijven van het gevecht, beschreef hij de gevaren waaraan de Corelliaan blootgesteld was en hoe hij ze te lijf was gegaan. Hoe hij het welzijn van de Corelliaan boven zijn eigen welzijn had geplaatst. Na een half uur had hij wel voldoende geëvalueerd vond hij zelf en nam hij de tijd om te mediteren, om zijn afhankelijkheid met de Kracht te zoeken en zijn eigen gevoelens aan de kant te zetten. In zijn meditatie werd zijn aandacht al snel gericht op generaal Kental, die voor hem ongrijpbaar leek, als hij vanuit de Kracht dichter naar hem toe wilde stappen in zijn meditatie, voelde het alsof hij een aal probeerde te grijpen. De generaal leek ongrijpbaar en niet te pijlen. Dat was iets wat Zu nog niet eerder had meegemaakt. Doordat hij geen grip kon krijgen op de generaal besloot hij niet langer bij hem stil te staan, maar richtte zich op de Kracht zelf, zijn eigen band met de kracht, zoals hij eigenlijk bijna altijd deed tijdens een meditatie. Maar de band leek veranderd, krachtiger, maar dan op een manier die hij niet thuis kon brengen. Alsof de Kracht groter geworden leek, meer mogelijkheden leek te bieden. Maar juist op het moment dat hij de nieuwe kant van de Kracht verder wilde bekijken, werd hij eraan herinnerd dat hij over een half uur gereed moest staan en hij besefte dat het ontdekken van deze nieuwe dimensie in de Kracht hem meer dan 25 minuten meditatie zou kosten. Daarom sloot hij zijn sessie af en maakte zich klaar voor het diner. Zu was wel benieuwd wat er geserveerd zou worden, wat deze planeet voortbracht, want op een of andere manier wilde hij meer weten over deze planeet en begon de planeet een bijzonder plekje in zijn hart te krijgen. In de lobby zag hij dat de Corelliaan ook aan het wachten was, al was hij druk in gesprek met een andere gast in dit verblijf. Het gesprek ging over op welke werelden de Corelliaan allemaal geweest was en dat soort praat wat je van zakenmannen kon verwachten. Net nadat Zu er bij was gaan zitten, kwam de gids de lobby in en wenkte dat ze mee konden komen en de Corelliaan rondde zijn gesprek af en begaf zich samen met Zu naar de uitgang, waar een taxi klaar stond om hen mee te nemen.

Het holobeeld knipperde en nadat de persoon aan de andere zijde afsloot met de woorden 'Er ligt dus nog een grote uitdaging Veedo en ik verwacht kwaliteit.' knipperde het holobeeld nogmaals en verdween. Veedo leunde ongerust achteruit in zijn stoel en wist even niet wat hij met deze situatie aan moest. De Nautolaan was van een hogere kwaliteit geweest, dan hij tevoren bedacht had. De Jedi waren dus nog onberekenbaarder en sterker dan Veedo had durven dromen. Zeker omdat deze Zadrak nog maar een leerling was, die aan het begin van zijn carrière stond. Hij zou dus uit een ander vaatje moeten gaan tappen, om het resultaat te gaan boeken wat van hem verwacht werd. Een grote uitdaging, maar in het verleden was hij die uitdagingen niet uit de weg gegaan en die uitdagingen hadden hem gebracht waar hij nu stond. Als 6e man binnen de inlichtingendienst van de Republiek en ook nog de hoogstgeplaatste niet menselijke persoon. Met een aantal werknemers van meer dan 10 miljoen verspreid over duizenden zonnestelsels, kon hij zeggen dat hij goed aan de weg getimmerd had in zijn carrière. In de afgelopen vijftien jaar had hij verschillende moeilijke missies tot een goed einde gebracht en de Republiek meerdere malen behoed voor grote gevaren. Maar dit was een uitdaging van andere orde. Dit oversteeg zijn functie en zijn functie was alleen maar een middel om zijn carrière op een ander vlak voort te zetten. Deze uitdaging was eerder een bedreiging voor de Republiek, dan dat het de Republiek zou beschermen.
Enkele minuten na het hologesprek met zijn opdrachtgever kwam de opname van het gevecht tussen de Nautolaan en de Zadrak padawaan binnen. Veedo had in het verleden wel met Jedi gewerkt, maar had nooit waarde gehecht aan de band die ze schijnen hebben met een het fenomeen dat ze 'de Kracht' noemden. Maar nadat hij in een vorige missie beelden had gezien van hoe een Jedi iemand zo kon manipuleren dat een crimineel exact deed wat hij zei, begonnen de bibbers over zijn rug te lopen. En een paar weken later nam een persoon contact op over een mogelijkheid, wat ervoor zou kunnen zorgen dat hij na het voltooien ervan kon gaan rentenieren op een plek die hij zou uitkiezen. Getrokken door zijn hebzucht besloot hij meer informatie te vragen over wat de klus zou inhouden. En toen bleek dat de Jedi het mikpunt van deze opdracht waren, was hij om en stelde zich beschikbaar om eraan mee te werken.

2568 - 19629
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

De beelden maakten enorme indruk, want hij had verwacht dat de Nautolaan hem op zijn minst had kunnen verwonden. Alleen was hij wel verbaasd over het feit dat de Jedi zo koelbloedig de Nautolaan had afgemaakt. Iets wat naar zijn mening niet bij Jedi paste. Maar dat zou hij ook mis kunnen hebben, omdat hij geen goed beeld had, van wat er bij Jedi toegestaan was en wat niet. Het zou nog een harde noot zijn om te kraken, de vastberadenheid straalde er vanaf. Maar de padawaan was nog jong, dus zou gemakkelijker te breken zijn, dan een even sterke oudere Jedi. Tot zijn teleurstelling mocht Veedo totdat hij toestemming de Jedi niet gevangen zetten en onder druk zetten, zoals hij in zijn verleden gedaan had met verschillende criminelen en andere personen van wie hij informatie moest krijgen of moest beinvloeden dat diegene precies zou doen wat hij of iemand van hoger hand wilde. Maar in dit geval zou de Jedi vrijwillig zijn roots moeten loslaten en de Jedi orde de rug moeten toekeren. En dan ook nog het gevoel hebben dat het zijn eigen keuze was. Nu de padawaan al op Almania was en het anders liep dan hij werkelijk gepland had, zou hij snel meer over de Jedi te weten moeten komen. Over de persoon zelf zou het beste zijn, maar dat zou lastig worden, omdat hij ervoor moest zorgen dat het niet binnen de inlichtingendienst aandacht moest gaan trekken. Daarom liet hij in systeem zoeken naar een Jedi die geschaduwd werd door de inlichtingendienst en die zaak meer prioriteit te geven en zo meer te weten te komen over wat Jedi dreven in hun leven en hoe hun psyche in elkaar stak. Het centrale systeem gaf meteen een melding van een verdwenen Jedi in de Outer Rim, tegen de grens van de expansion regions aan, die bevelen van de Jedi raad, het hoogste orgaan van de Jedi had genegeerd en zijn eigen weg was gegaan en daarna was verdwenen van de radar van iedereen die de Republiek een warm hart toedroeg. Hij vroeg meteen de statusrapporten op en liet het hoofd van deze zaak op het matje komen om de stand van zaken uit de doeken te doen in zijn kantoor. Veedo vond die gesprekken altijd om van te smullen, omdat de gesprekspartners altijd het gevoel hadden dat ze geen verkeerd woord mochten zeggen en klotsende oksels en knikkende knieen erg normaal waren. Zo ook deze Twi'lek inspecteur, die zijn vorderingen uit de doeken deed, maar tot de conclusie kwam dat ze het doelwit niet langer wisten te traceren en dat de motieven niet duidelijk waren. Op een manier die alleen maar meer onzekerheid kweekte bij de Twi'lek bedankte Veedo hem voor zijn uitleg en zijn inzet tot nu toe en gaf aan dat hij en zijn team deze zaak uit handen zouden nemen en het onderzoek zouden afronden. Het eerste wat hij daarna deed was een afspraak maken met een lid van de Jediraad om over deze zaak te spreken.
Jedi meester Balaka heette de Rodian van de inlichtingendienst welkom in de Jedi Tempel. Het was een lange tijd geleden dat hij iemand van de inlichtingendienst in de Jedi Tempel had ontvangen, maar deze zaak was ook voor de Jedi van een groeiend belang. In een aantal krachtvisioenen had Balaka gezien dat deze situatie zou kunnen leiden tot een oorlog, iets wat in de Republiek al ruim 250 jaar niet was gebeurd. Natuurlijk waren er wel onrusten op verschillende werelden, die onder de vleugels van de Republiek vielen, maar een georganiseerde oorlog tegen de Republiek was erg lang geleden. Daarom was het de Jedi Orde er alles aan gelegen om te zorgen dat deze situatie het hoofd geboden zou worden. Meester Balaka was niet erg blij met de extra ogen die de inlichtingendienst namen op deze zaak. Maar wellicht kon het ook in hun voordeel spelen, dat er met andere ogen gekeken werd, waardoor Balaka ook volledige medewerking had beloofd. Openheid van zaken was gelukkig niet genoemd. Maar de Rodian had aangegeven eerst voor een oriënterend gesprek wilde langskomen, zodat hij een beeld zou krijgen van hoe de Orde in elkaar stak. Dit om een goed beeld te krijgen van wat de drijfveren van de verdwenen Jedi waren. Het gesprek vond plaats in een van de gesprekskamers, die van alle gemakken waren voorzien. De Rodian gaf aan dat hij vereerd was met een meester van de Jedi Orde over deze zaak te mogen praten en dat hij hoopte deze situatie onder controle te krijgen en te zorgen dat de Republiek niet langer aan een eventuele bedreiging bloot zou staan. Maar meester Balaka merkte dat het een standaard verhaal was, dat de Rodian afstak. Hij hoopte dat dit standaard verhaal niet te lang zou duren, want er waren genoeg zaken die zijn aandacht verdienden en hij zou later in de middag een gastles geven bij een groep jongelingen, over het ontstaan van de Republiek en het onstaan van de Jedi Orde. Wat dat betreft kwam het ook wel goed uit dat de Rodian ook in eerste instantie ook naar het ontstaan van de Orde en de pijlers van de Jedi vroeg, zodat hij daar snel en to the point antwoord op kon geven. Hij legde uit hoe het leven van een Jedi eruit zag en op welke waarden de benadering van het leven gebaseerd was. En dat de wegen van de Kracht centraal stonden in het leven van elke Jedi. De Rodian luisterde aandachtig en stelde opmerkelijke vragen, die meer over de Orde gingen, dan dat ze een directe link hadden met deze zaak.
Veedo was blij dat hij zo snel een gesprek had kunnen regelen met een meester uit de Jedi raad, de serene rust in de Tempel had wel indruk gemaakt op Veedo. Het was de eerste keer dat hij werkelijk binnen een kijkje kon nemen. Het bouwwerk was wel fascinerend en ondanks dat er veel Jedi rondliepen kreeg Veedo nergens een gevoel dat het druk of benauwd was. Geen geschreeuw of electronische geluiden, die je op andere plaatsen waar het net zo druk was eigenlijk altijd hoorde, maar alleen het geschuifel van vele wezens door een immens gebouw. De Jedi meester straalde ook eenzelfde rust uit, Veedo had bij zichzelf gedacht dat het wel een saai stelletje bij elkaar waren, maar had snel die gedachte weggebannen, omdat hij geen kwaad bloed wilde zetten en de Jedi erom bekend stonden dat ze meer konden waarnemen dan andere wezens in deze melkweg. Veedo was ook oprecht gefascineerd over met hoeveel passie en in zoveel detail zijn vragen over de Orde kon beantwoorden. De eenvoud en overzichtelijkheid van de waarden van de Jedi leken te weinig om voor te kunnen leven, maar dat een enorme diepte uit een paar van die steekwoorden kwamen, dat verbaasde hem eigenlijk wel. Gelukkig bracht dit gesprek hem wel de informatie die hij zocht om te kunnen gebruiken in de uitdaging die op Almania lag. Daarom nam hij met een goed gevoel afscheid van de Jedi meester en liet de serene rust en stilte achter zich, om zich weer in de drukte van Coruscant te mengen.

1194 - 20823
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon

Prophet

Damien maakte de balans op over zijn schuilplaats en constateerde dat alles veilig genoeg was verborgen en dat hij de halve dagreis naar de dichtstbijzijnde stad kon gaan maken. Van Ward en Jagur had hij tips gekregen hoe hij zijn kleding moest dragen om niet uit de toon te vallen binnen de inwoners van Almania. Want ze hadden hem ook verteld dat als de inwoners meteen zouden herkennen dat hij van buiten Almania zou komen, dat hij het niet lang zou uithouden. Buitenwerelders waren hier niet geliefd en het was aan hem de taak om dat te veranderen, zodat de planeet gereed was om deel uit te gaan maken van de Galactische Republiek. De tocht door de jungle viel hem tegen, het was duidelijk het regenseizoen en daardoor ging het langzamer dan hij verwachtte. Onderweg was hij tot drie keer toe opgehouden door een modderstroom en twee keer had hij een aanval van een roofdier afgeslagen. Het eerste roofdier had op een onplezierige manier kennis gemaakt met het lichtzwaard. Maar Damien moest zich meer en meer aanwennen om niet direct naar zijn wapen te grijpen, omdat dat ervoor zou kunnen zorgen dat hij herkend zou worden als buitenwerelder. En dat punt van herkenning zou hij zo lang mogelijk uit moeten proberen te stellen. Daarom had hij de tweede aanval gepareerd met door de Kracht versterkte slagen van een stok die hij voor het grijpen had gehad. De eenheid met de Kracht op deze planeet voelde wel anders dan hij gewend was op Coruscant, maar hij wist dat elke wereld zijn eigen band met de Kracht had, maar op de werelden waar hij was geweest, daar was de Kracht herkenbaarder geweest, dan hij hier ervoer. Het had hem ook meer tijd gekost om goed afgestemd te zijn en de eenheid te worden met de Kracht zoals hij gewend was. Door de Kracht had hij ook een kortere route kunnen nemen dan Ward en Jagur hadden gezegd en dus ondanks de tegenslagen kwam hij na een halve dag aan de rand van de jungle. Dit was het moment om te zorgen dat de mensen uit de stad waar hij in de buurt van was, niet zouden herkennen dat hij van buiten Almania kwamen. Dus haalde hij uit een plunjezak de kleding die Ward hem gegeven had. Het ontwerp liet niet toe dat zijn lichtzwaard binnen handbereik zou liggen. Daarom besloot hij om zijn wapen in zijn laars te verbergen, dit was mogelijk, vanwege het kleine ontwerp van het gevest van zijn lichtzwaard. De stad zag eruit zoals veel steden die hij gezien had, dus lukte het hem om zich ongemerkt in de menigte te begeven. Ward en Jagur hadden hem al hun geld gegeven, omdat ze zelf toch niet terug zouden keren. Hiermee kon hij een openbare dienst van vervoer gebruiken om naar de hoofdstad te reizen. De technologie van de voertuigen week niet zoveel af van de technologie die hij gewend was. De besturing was anders, maar het zoemen van repulsoren had een vertrouwd geluid. Het was duidelijk tijd waarop de forenzen op weg waren naar huis, want het was erg druk in de luchttrein waarin hij zat. Dat hielp hem wel om de gewoonten van de mensen hier te observeren en te zien en waar nodig te kopieren, om minder op te vallen of om gebruik van te maken binnen zijn missie. De reis duurde toch 4 standaarduur en dat gaf hem gelegenheid om op een oppervlakkige manier een gesprek aan te knopen met een oudere man, die duidelijk uit zijn werk op weg naar huis was. Hij sprak met hem over zijn werk en wist op een slimme manier de vragen van de oudere man te ontwijken over zijn herkomst en doel van de reis. Wel was hij er achter gekomen dat het hoogste gezag hier op Almania had aangekondigd om op te stappen. Iets wat eraan gelijk stond dat hij zelfmoord zou plegen of dat hij het gevoel had dat zijn leven ten einde liep. Dat zou een punt kunnen zijn voor een opening dat de Republiek hier op een goede manier gebruik van zou kunnen maken. Op het moment dat de oudere man de luchttrein verliet, gaf hij Damien nog het nieuwsoverzicht van de dag. Veel zaken hadden weinig aanknopingspunten, maar hij zag wel dat een buitenwerelder was ontsnapt uit de hoek van quarantaine, die speciaal was opgezet om de cultuur van Almania beschermen. Het was dus blijkbaar ongewoon dat iemand daar levend uit zou komen. Eigenlijk had hij dus in een gevangenis gezeten zonder proces of enige vorm van een rechtsysteem. Als hij de manier waarop over deze zaken gedacht werd combineerde met het feit dat de heerser van deze planeet dat voor het leven was, zou het een lastige zaak worden om deze planeet klaar te krijgen voor toetreding tot de Republiek.
Na aankomst in de hoofdstad, deed hij zich voor als een toerist uit de zuidelijke landen, waar hij qua uiterlijk het meest mee te vergelijken was geweest. Damien was blij dat hij deze missie toegewezen had gekregen en niet een niet-menselijke Jedi, maar dat was natuurlijk geen toeval, dit moest zo door de Kracht zo geleid zijn. Buitenwerelders werden op Almania alleen maar getolereerd ter vermaak of ze moesten zo exeptionele capaciteiten hebben dat ze meteen op een invloedrijke positie werden geplaatst. De verblijfplaatsen binnen de hoofdstad waren goed te noemen, hij was blij dat hij eindelijk weer een normale maaltijd kon eten, het ruimtevoedsel was compleet in balans, maar hij kon erg genieten van een maaltijd dat naast voedingstoffen ook smaak met zich mee bracht. Waarschijnlijk had hij nu geen bijzondere gerechten of kookkunsten op zijn bord, maar het gaf hem gelukkig een goed gevoel. Zijn plan was om de volgende dag een toeristische excursie te doen naar het raadsgebouw, waar de regering een zitting had over de procedure van het afzetten van Generaal Kendal als heerser over Almania. Dat zou hem gelegenheid bieden om een opening te vinden om de juiste mensen te kunnen spreken over de intenties van de Republiek. Maar eerst was het tijd om een bericht naar Coruscant te versturen om de stand van zaken door te geven. Daarvoor zou hij met een plaatselijke comlink contact moeten maken met het lange afstand zendstation, dat in zijn schuilplaats was opgesteld. Ward en Jagur hadden aangegeven dat alleen fysieke controle aanwezig was op de ruimte om hen heen. In de schuilplaats had Damien al zonder problemen contact gehad met Coruscant, om de verbinding te testen. Daarom nam hij plaats voor de holo cam en zocht contact met de Jedi tempel.

1100 - 21923
Wie iets goeds zegt, voedt zich met zijn eigen woorden, van wat hij tot stand brengt, profiteert hij zelf. (Spreuken 12 vs 14)



FA 2011 (officieus): Perfecte schoonzoon